Sean Hepburn Ferrer: Zoon schrijft “Intimate Audrey: The Authorized Biography” over zijn moeder Audrey Hepburn

Audrey Hepburn met haar zoon Sean Hepburn Ferrer in Bürgenstock, Zwitzerland, 1963 | Sean Hepburn Ferrer

Tot op heden blijft Audrey Hepburn (1929-1993) één van de meest geliefde filmactrices aller tijden; in het begin van de jaren vijftig van vorige eeuw ontpopte ze zich als vooraanstaande Hollywoodster, bekend vanwege haar uitstraling die een verfijnde Europese elegantie combineerde met een kwetsbare en charmante onschuld en een zachtaardige fijngevoeligheid. De in Elsene geboren Oscarwinnares werd op vierentwintigjarige leeftijd een mode- en stijlicoon—en tevens een icoon van schoonheid en waardigheid—en als Goodwill Ambassador voor UNICEF in de jaren tachtig en negentig hielp ze persoonlijk bij het verlenen van noodhulp aan kinderen in landen als Ethiopië, Soedan, Guatemala, Venezuela en Vietnam.

Toch kennen en bewonderen honderden miljoenen mensen over de hele wereld haar werk en herinneren ze zich in de eerste plaats haar legendarische rollen in haar iconische films. In William Wyler’s “Roman Holiday” (1953) speelde ze een eenzame jonge prinses die, terwijl ze haar ware identiteit probeert te verbergen, vierentwintig uur lang vindt in Rome met een Amerikaanse journalist, gespeeld door Gregory Peck. In een andere kaskraker, “Sabrina” (1954), geregisseerd door Billy Wilder, was ze de dochter van een chauffeur die, nadat ze net terugkeerde van de kokschool, de aandacht trekt van de twee erfgenamen van het familiefortuin, gespeeld door Humphrey Bogart en William Holden. Later maakte Wilder nog een sprankelende romantische komedie met haar, “Love in the Afternoon” (1957), met Gary Cooper en Maurice Chevalier in de rol van haar vader, een privédetective.

In de musical “Funny Face” (1957) van Stanley Donen speelde ze aan de zijde van Fred Astaire de rol van een boekenverkoopster die een topmodel wordt, en in “My Fair Lady” (1964), geregisseerd door George Cukor, vertolkte ze het bloemenmeisje Eliza Doolittle, die door toedoen van professor Higgins, gespeeld door Rex Harrison, uitgroeit tot een elegante dame. De film won acht Oscars.

Maar als actrice was haar repertoire veel breder, vooral toen ze haar imago als onschuldig meisje van zich afschudde en steeds meer verfijnde en wereldwijze personages ging spelen, zoals Natasha in “War and Peace” (1956), geregisseerd door King Vidor—elke gevestigde regisseur wilde met haar werken—met in de andere hoofdrollen Henry Fonda en haar toenmalige echtgenoot, Mel Ferrer, die haar en Anthony Perkins nadien regisseerde in “Green Mansions” (1959), dat zich afspeelt in Zuid-Amerika. In Fred Zinnemann’s “The Nun’s Story” (1959) speelde ze de titelrol; de film vertelt het waargebeurde verhaal van Marie Louise Habets (1905-1986), een Belgische verpleegster en voormalige kloosterzuster die tijdens de Tweede Wereldoorlog haar geloften opzegt terwijl ze in Belgisch Congo als verpleegster werkt en besluit terug te keren naar België om voor het verzet te werken. John Huston regisseerde haar in “The Unforgiven” (1960), een western die zich afspeelt in Texas in de jaren 1850 en het verhaal vertelt van twee families die in conflict liggen met indianen over het personage van Hepburn, die door de indianen als één van hen wordt beschouwd.

“The Nun’s Story” (1959, trailer)

Maar haar populairste en meest geprezen filmrol is allicht die van Holly Golightly, de excentrieke vrouwelijke gigolo uit Manhattan in Blake Edwards’ eigenzinnige film “Breakfast at Tiffany’s“ (1961), gebaseerd op de novelle van Truman Capote uit 1958. Er werden verschillende andere actrices overwogen voor de rol van Holly Golightly, waaronder Marilyn Monroe, Kim Novak en Shirley MacLaine—de laatste was overigens datzelfde jaar met Hepburn te zien in William Wyler’s drama “The Children’s Hour,” waarin ze twee leraressen spelen op een meisjesinternaat wier leven wordt verwoest door een leugen. William Wyler maakte ook “How to Steal a Million” (1966) over een diefstal van een miljoen dollar in een kunstmuseum in Parijs, waarbij Hepburn en Peter O’Toole een schitterend duo vormen in deze verfijnde heistkomedie.

“Breakfast at Tiffany’s” werd door critici geprezen vanwege de stijlvolle vertolking van Audrey Hepburn—dat was haar handelsmerk—maar ook om de filmmuziek van Henry Mancini en het nummer “Moon River,” gezongen door Hepburn zelf. Nadat ze in de spannende thriller “Wait Until Dark” (1967) van Terence Young een blinde vrouw speelde die door criminelen werd geterroriseerd, trok ze zich terug uit de filmwereld en ging ze in alle rust in Zwitserland voor haar gezin zorgen. Haar oudste zoon, Sean Hepburn Ferrer, was nog maar een paar maanden oud toen ze “Breakfast at Tiffany’s” maakte. In 1970 werd haar tweede kind, Luca Dotti, geboren uit haar huwelijk met de Italiaanse psychiater Andrea Dotti.

Nadien maakte ze nog vier films, o.m. “Robin and Marian” (1976), waarin ze een Maid Marian van middelbare leeftijd vertolkte naast Sean Connery als Robin Hood, en “They All Laughed” (1981), geregisseerd door Peter Bogdanovich—met Sean Hepburn Ferrer in een kleine rol. Het was een vermakelijke romantische komedie die het verhaal vertelt van drie privédetectives die twee mooie vrouwen schaduwen na een vermoeden van ontrouw. In “Always” (1989) van Steven Spielberg, een remake van “A Guy Named Joe” (1943), speelden Richard Dreyfuss en Holly Hunter de hoofdrollen; in de laatste rol uit haar carrière speelde Audrey Hepburn in die film een engel.

Na haar vroegtijdige overlijden op 62-jarige leeftijd werd Sean Hepburn Ferrer de beheerder van haar nalatenschap. Hij wijdt het grootste deel van zijn tijd aan haar oeuvre en haar humanitaire werk via diverse non-profitorganisaties die haar naam dragen.

Dit onvolledige carrière-overzicht richt zich uitsluitend op haar werk als actrice, maar haar indrukwekkende loopbaan, die in feite slechts iets meer dan tien jaar heeft geduurd, is zó’n rijkgevulde filmschat dat de leden van het American Film Institute haar terecht hebben uitgeroepen tot de derde grootste vrouwelijke filmlegende uit de Classic Hollywood Cinema (na Katharine Hepburn en Bette Davis). Audrey Hepburn behoort ook tot de kleine groep EGOT-winnaars—EGOT is een afkorting voor de Emmy, Grammy, Oscar en Tony Awards, en verwijst naar de mensen die in de Verenigde Staten de vier belangrijkste prijzen voor podiumkunsten hebben gewonnen.

Ze won ook drie BAFTA-awards voor Beste Britse actrice, twee Golden Globes, de Cecil B. DeMille Award en de Jean Hersholt Humanitarian Award van 1993. Deze laatste werd vóór haar overlijden toegekend door de Academy of Motion Picture Arts and Sciences, en werd postuum uitgereikt toen haar zoon Sean het beeldje in ontvangst nam tijdens de Oscaruitreiking. In 1992 ontving ze de Amerikaanse Presidential Medal of Freedom.

Maar afgezien van al die prestaties, superlatieven, lofbetuigingen en kudos, wie was Audrey Hepburn? Hoe was zij—één van de meest gefotografeerde vrouwen ter wereld—werkelijk? Wie was ze? We weten allemaal dat ze jarenlang in Tolochenaz woonde, een dorpje aan het meer op zo’n vijftien kilometer van Lausanne in Zwitserland, en dat ze haar carrière na “Wait Until Dark” graag op een laag pitje zette om voltijds moeder te zijn. I suppose you could blame me for ending my mother’s career, vertelde Sean Hepburn Ferrer me tijdens ons eerste gesprek dat plaatsvond in het Helvetia & Bristol Hotel in Firenze, in november 2016.

Sean Hepburn Ferrer, de oudste zoon van Audrey Hepburn | Sean Hepburn Ferrer

Later spraken we elkaar opnieuw toen hij in 2019 de tentoonstelling “Intimate Audrey” in Amsterdam opende; nadat hij het kinderboek “Little Audrey’s Daydream: The Life of Audrey Hepburn” (2020) had geschreven; en toen hij The Audrey Hepburn Garden (2022) in Elsene inhuldigde, vlak bij haar geboortehuis aan de Keienveldstraat 48, waar ze op 4 mei 1929 werd geboren.

Fred Zinnemann, die haar regisseerde in “The Nun’s Story” (1959), schreef in 1992 in zijn autobiografie, I have never seen anyone more disciplined, more gracious or more dedicated to her work than Audrey. There was no ego, no asking for extra favors; there was the greatest consideration for her co-workers. Zijn collega Stanley Donen (1924-2019), die drie films met haar maakte— “Funny Face” (1957), “Charade” (1963), en “Two for the Road” (1967)—vertelde me in een gesprek in 1999, I certainly adored her: she was a fabulous and glorious actress. She was really unique. After she had passed away, Billy Wilder, who has always been one of my best friends, said, ‘What Audrey Hepburn had, you couldn’t teach, you couldn’t even learn it. God kissed her on the cheek, and there she was.’

De cover van Sean Hepburn Ferrer’s bestseller “Audrey Hepburn: An Elegant Spirit—A Son Remembers” (2003), gepubliceerd door Atria Books, New York

Na haar dood zijn er verschillende biografieën over haar verschenen en zijn er talloze artikels over haar gepubliceerd. In 2003 publiceerde Sean Hepburn Ferrer “Audrey Hepburn, An Elegant Spirit—A Son Remembers.” Hij schreef uitvoerig over de tragedie van het verlies van zijn moeder op jonge leeftijd. Terwijl ze in 1992 voor UNICEF in Somalië werkte, werd ze ziek en de buikpijn werd zo hevig dat ze het nauwelijks nog aankon. De diagnose die volgde, was verwoestend. Kanker. Ze werd met spoed naar Californië gebracht, waar de artsen ontdekten dat de ziekte zich in haar buik had verspreid en ze vertelden hem dat de kanker niet te opereren was. Hij ging naar haar ziekenhuiskamer om haar het slechte nieuws te vertellen. Ze keek alleen maar uit het raam en zei, How disappointing. Ze brachten haar terug naar huis in Zwitserland, waar ze enkele weken later overleed. Wereldwijd werd om haar gerouwd.

Uw nederige verslaggever is dan ook opgelucht te kunnen melden dat sinds 7 april “Intimate Audrey: An Authorized Biography,” geschreven door Sean Hepburn Ferrer in samenwerking met Wendy Holden, verkrijgbaar is. Het boek is een warm, persoonlijk en vaak teder portret van de actrice, icoon en humanitaire hulpverleenster, en Sean is een intieme getuige wiens stem het verhaal zeer nauwkeurig vormgeeft. De eerder ongepubliceerde familiefoto’s en al die kleine gebaren van haar geven de lezer een zeer goed beeld van wie ze werkelijk was, wie schuilging achter de dame die uitgroeide tot een mythe op de rode loper.

Het eerste hoofdstuk begint in het door oorlog geteisterde Somalië, waarover ze later zei, There was no worse place on earth. Sean Hepburn Ferrer beschrijft dat in “Intimate Audrey” als volgt, The Academy Award-winning actress and virtuoso of make-believe could not fake her responses on this, her latest trip. To truly know Audrey Hepburn is to live that experience in what none of us realized were the waning days of her life. It is the key to unlocking her soul.

“Intimate Audrey: An Authorized Biography,” boek cover

En dat is precies wat “Intimate Audrey: The Authorized Biography” doet. Het boek beschrijft vervolgens haar jeugd in Nederland, waar ze te maken kreeg met de fysieke en psychische gevolgen van de Tweede Wereldoorlog; zij en haar familie doorstonden bombardementen en ondervoeding als gevolg van voedseltekorten. Toen ze nog maar een tiener was, gaf ze dansvoorstellingen om geld in te zamelen voor mensen die ondergedoken leefden, en bracht ze berichten over voor het verzet. Sean Hepburn Ferrer stelt dat die jaren van hongersnood en de ontbering aan de basis lagen voor haar latere humanitaire werk.

Het relaas van haar weg naar de top—de balletopleiding, haar theaterwerk op Broadway met de lovende recensies voor “Gigi” (1951-52) en “Ondine” (1954), en de doorbraak in Hollywood met “Roman Holiday” (1953)—is warmhartig en leest als een openbaring, heel fris en boeiend. Misschien omdat het voor het eerst niét is geschreven door een buitenstaander die naar binnen kijkt, maar door een insider. Het leest alsof ze het zelf heeft geschreven, hoewel ze hem altijd zei, My life has been terribly boring, en weigerde ze daarom resoluut haar eigen memoires te schrijven.

Waar “Intimate Audrey” echt uitblinkt, is in de beschrijving van haar privéleven: haar toewijding aan goede doelen, die haar persoonlijk veel geld hebben gekost, en de manier waarop ze haar carrière combineerde met het moederschap voordat ze zich terugtrok uit de filmwereld. Anekdotes—niet alleen over haar films, maar ook de gesprekken met haar zoon aan zijn bed, of de rustige momenten in de tuin—worden met emotionele helderheid beschreven. De hoofdstukken over haar humanitaire werk, tijdens haar latere jaren bij UNICEF, zijn vaak aangrijpend. Ze onderstrepen vooral the moral core of her life, zoals dat wel eens wordt gezegd.

“Intimate Audrey: The Authorized Biography” wordt in de V.S. uitgegeven door Grand Central Publishing en in het Verenigd Koninkrijk door HarperCollinsPublishers. Het boek is vertaald in het Italiaans, Duits en Spaans; e-book en een audioboek zijn ook beschikbaar.

In het volgende online gesprek met Sean Hepburn Ferrer, die in Italië woont, vertelt hij hoe het boek tot stand is gekomen en geeft hij, zoals altijd, een zeer interessante kijk achter de schermen met veel achtergrondinformatie over zijn moeder.

Audrey Hepburn met haar zoon Sean Hepburn Ferrer die geboren is op 17 juli 1960 | Sean Hepburn Ferrer

Wat was voor jou de belangrijkste reden om “Intimate Audrey: The Authorized Biography” te schrijven?

Drieëndertig jaar geleden, nadat mijn moeder was overleden, had ik dertig pagina’s geschreven, een soort liefdesbrief over hun grootmoeder aan de kinderen die ik ooit hoopte te krijgen. En die drieëndertig pagina’s belandden op het bureau van mijn vriend Alan Nevins. Hij was de assistent van een legendarische literaire Hollywood agent Swifty Lazar bij een agentschap dat Renaissance heet. Hij zei, ‘Oh, dit is geweldig. Je moet er een boek over schrijven.’ En ik zei hem, ‘Wel, ik weet niet hoe je van een sjaal een avondjurk kan maken, want dertig pagina’s is geen boek.’ In de twee jaar die volgden, schreef ik wat uiteindelijk het boek “An Elegant Spirit” [2003] zou worden. Ik was daar heel blij mee; wereldwijd werden er bijna twee miljoen exemplaren van verkocht en werd het, als ik me niet vergis, vertaald in zeventien talen.
Maar ik ben geen schrijver en ik voelde niet echt de behoefte om nog te schrijven. Elk jaar ging Alan naar de Frankfurt en London Book Fair, en telkens vroegen de distributeurs, ‘Komt er ooit een geautoriseerde biografie, het ultieme boek, zeg maar, of een historisch boek over Audrey Hepburn?’ Uiteindelijk overtuigde Alan me om het te overwegen, en het eerste wat ik tegen hem zei was, ‘Kijk, ik ben niet objectief omdat ze mijn moeder was. Ik heb iemand nodig om al de informatie te filteren.’ Toen bracht hij Wendy Holden ter sprake. Het klikte meteen tussen ons tweeën; ten eerste is ze een vrouw, wat heel logisch was. En ten tweede begon ze haar carrière als oorlogscorrespondente. Het leven van mijn moeder als jonge volwassene begint met de Tweede Wereldoorlog en eindigt met wat ze vaak omschreef als haar tweede en belangrijkste carrière, als ambassadrice voor UNICEF. We weten allemaal—vandaag meer dan ooit—dat de grootste menselijke tragedies niet door de natuur worden veroorzaakt. Niet door een tsunami, een aardbeving of een hongersnood; ze worden veroorzaakt door wat mensen elkaar aandoen.
Tachtig procent van de plaatsen die mijn moeder tijdens haar jaren als ambassadrice voor UNICEF bezocht, waren plekken waar een oorlog had plaatsgevonden of waar nog steeds een oorlog woedde. En dus was dat meteen logisch. Anderzijds had mijn moeder ook een normaal leven; ze stond ’s ochtends vroeg op, had haar ontbijt, ging naar makeup, was op tijd op de set; ze kende haar tekst altijd en ze was vriendelijk tegen de crew. En dan ging ze naar huis, avondeten, ze ging slapen, en de volgende dag begon dat opnieuw. Er was niet veel spanning en drama. Toen zijn we begonnen de belangrijkste mijlpalen in haar persoonlijke leven zorgvuldig te ontrafelen. We wilden geen boek maken over haar films, want iedereen kent haar films. Iedereen heeft ze gezien. Dus daar gaat het niet om.

Het publiek wilde gewoon weten wie ze was.

Ja, ik denk dat mensen wilden weten wie ze was, omdat ze een boontje hadden voor de vrouw die zo’n buitengewone filmerfenis had nagelaten: haar carrière als ster, als actrice, en haar innerlijke elegantie, die tot uiting kwam in haar samenwerking met Hubert de Givenchy en andere ontwerpers. En tenslotte, met het laatste hoofdstuk, als humanitaire activiste—en de eerste vrouwelijke ambassadeur voor UNICEF—die het naoorlogse UNICEF als het ware heeft omgevormd tot wat het nu is.
Het is nu een must geworden voor elke beroemdheid om zich in te zetten voor een maatschappelijk relevant of humanitair doel. En ik denk dat zij op de één of andere manier heeft bijgedragen aan die trend. Dus gingen we aan tafel zitten en begonnen we naar elk aspect van haar leven te kijken en wat betekenisvol kon zijn, niet zozeer om nieuwe informatie naar voren te brengen, maar de kleur ervan—zoals je een zwart-wit foto tot leven wil brengen.
Mijn moeder is zo’n legende. Ze lijkt een beetje op de ballon die wegvliegt tijdens een verjaardagsfeestje, en wanneer die opstijgt in de lucht, wordt die steeds kleiner en kleiner. Ik wilde haar terugbrengen naar de aarde, haar wortels geven, en mensen eraan herinneren dat ze een normale vrouw was met een gecompliceerd leven zoals we dat allemaal kennen.

Sean Hepburn Ferrer, co-auteur van “Intimate Audrey: The Authorized Biography” | Sean Hepburn Ferrer

Was het moeilijk om daarover te schrijven? Want ze was toch heel erg gesteld op haar privacy, niet?

Ze was een heel gesloten op dat vlak. Ik denk dat het voor mij het moeilijkst was om de misstappen of ontrouw in haar tweede huwelijk te bespreken, omdat ik meteen dacht aan dat gevoel van schaamte dat er altijd is—niet zozeer bij degene die het veroorzaakt, maar bij het slachtoffer, degene die lijdt onder de ontrouw. Tegelijkertijd is dat de reden waarom ik besloot erover te praten: als Audrey Hepburn ontrouw moest ondergaan, terwijl zij een symbool is van vriendelijkheid, schoonheid, elegantie, en liefde, om alle redenen die we zojuist hebben beschreven, dan is het hek van de dam.
Het heeft niets te maken met de persoon die er het slachtoffer van is: het heeft te maken met de persoon die het veroorzaakt. Ontrouw is absurd als je erover nadenkt. Je zegt tegen iemand, ‘Ik hou van je,’ en toch ga je ergens anders op zoek naar aandacht. Haar tweede echtgenoot [Andrea Dotti, waarmee ze getrouwd was van 1969 tot 1982] verloor de controle; hij was een jongeman, een geweldige stiefvader, maar helaas geen goede echtgenoot. En daarom besloot ik erover te praten. Als mijn moeder het moest ondergaan, met alles wat ze was, dan kan het iedereen overkomen.

Hoe heb je die perfecte balans gevonden tussen haar privéleven, haar filmcarrière en haar humanitaire werk, zodat het boek bevattelijk en helder is gebleven?

Het draait er allemaal om hoe je het samenstelt. We hebben er hard aan gewerkt, dingen verplaatst en het als een film opgebouwd, omdat het begint met één van de laatste scènes uit haar leven. En dan volgt er een flashback. We hebben videotechnieken, of filmtechnieken, gebruikt om het beeld kleur en meer body te geven. Wat ook meespeelde, was—helaas voor onze samenleving—goede timing; we bevinden ons nu in een vreselijke tijd waarin de democratie heel gemakkelijk wordt ontmanteld dat je je afvraagt of het allemaal niet gewoon schijn was om te beginnen. Ze zou er kapot van zijn mocht ze zien wat er nu gebeurt. Ze gaf haar leven voor de hoop op een inclusieve samenleving, en we hebben de afgelopen drieëndertig jaar geprobeerd haar droom voort te zetten.
Maar als je ziet wat er nu overal ter wereld gebeurt, dat vrouwen en kinderen—ik denk vooral aan Palestina—geen enkele bescherming of prioriteit krijgen, dat is echt hartverscheurend. Het toeval wilde dat we, eens we klaar waren, naar de uitgever stapten en de uitgever het boek drukte. En hier zijn we dan, op dit cruciale moment, met iets dat voor een helder contrast zorgt.

Sean Hepburn Ferrer met zijn moeder, Audrey Hepburn, in de tuin van hun woning La Paisible in Tolochenaz, Zwitzerland, begin jaren 80 | Sean Hepburn Ferrer

Als je er nu op terugkijkt, heb je in je boek alles gezegd wat je wilde zeggen, of zijn er dingen die je achteraf gezien toch nog had willen toevoegen?

Niet echt. Een geweldige filosoof heeft ooit eens gezegd dat de grote dingen ons samenbrengen en de kleine dingen ons uit elkaar drijven. En dat klopt; we hebben de grotere dingen bewaard, de belangrijke mijlpalen. Maar het gaat niet altijd om dingen van grote omvang. Het verhaal over hoe ze mijn vriend Bang uit Vietnam naar hier haalde, dat kwam nooit in de pers. Maar het is wel een goed voorbeeld van hoe ze in elkaar stak. Er was geen pers, geen fotografen, er was niemand die het zag, behalve ik. Dus ze deed het niet omdat het iets was dat ze in opdracht van UNICEF deed; ze deed het omdat hij een jongetje was dat ze kende, die in het weekend langskwam en bij ons bleef slapen. Ze voegde de daad bij het woord; ze deed dat dus ook in haar privéleven. En daarom vind ik het een interessant voorbeeld. Soms lijken dingen klein, maar als je er dan naar kijkt en erover nadenkt, als het een belangrijke invulling van haar leven is, dan denk ik dat zulke kleine dingen samen sterk uitvergroot kunnen worden.

Dat klopt. Je noemt een aantal kleine dingen die heel veelzeggend zijn, zoals haar gevoel voor humor, bijvoorbeeld wanneer ze stemmen nabootst, haar tong uitsteekt of haar lichaam in komische poses wringt, terwijl ze tegelijkertijd ook zeer vastberaden was. Toen de baas van Paramount na een voorvertoning van ‘Breakfast at Tiffany’s’ zei, ‘And that bloody song [“Moon River”] has to go,’ veerde je moeder recht en riep ze, ‘Over my dead body!

Dat zijn uitersten, uitersten die het beeld schetsen van een vrouw met een enorme kracht, en ik denk dat het grootste bewijs van haar kracht is dat ze in staat was om die kwetsbaarheid—die haar zo typeerde—haar hele leven lang te koesteren, te omarmen en te beschermen. Ze begreep dat het een belangrijk instrument was, dat het deel uitmaakte van haar persoonlijkheid. Ze verdedigde het, ze gebruikte het in films, ook wanneer ze research deed en zich verdiepte in de authenticiteit van een personage dat ze speelde. Ze ging zich niet transformeren zoals Robert De Niro en Marlon Brando deden, maar ze kwam er zeker even dichtbij. Het was dus Audrey Hepburn die in die situatie de vertolking in haar persoonlijkheid verwerkte. Ze beschermde die kwetsbaarheid haar hele leven lang, wat zich uiteindelijk tegen haar keerde toen ze ambassadrice voor UNICEF werd, omdat ze toen een luidspreker had waarmee ze zich kon voorstellen wat mensen meemaakten en voelden toen ze in een kamp was met 30.000 vluchtelingen die op het punt stonden te sterven.

Audrey Hepburn zingt “Moon River” in “Breakfast at Tiffany’s” (1961)

Ik begrijp ook heel goed waarom je moeder zo goed kon opschieten met regisseur Fred Zinnemann. Toen hij zijn Oscar won voor “From Here to Eternity” [1953], woonde hij met zijn gezin in een bescheiden woning in Mandeville Canyon en reed hij elke dag naar de studio met zijn auto die toen elf jaar oud was. Geen opzichtige levensstijl, geen fancy gedoe, maar heel bescheiden en nuchter.

Ik denk dat de filmwereld er in die tijd veel meer zo uitzag. Alfred Hitchcock was ook zo. Hitch werkte in een maatpak en bedacht al die gruwelijke en angstaanjagende verhalen. En toch, om vijf uur, riep hij, Wrap, en ging hij in een gewone auto naar huis, waar hij met zijn vrouw aan tafel ging zitten om te eten. En hielden ze feestjes? Nee. Er waren geen Ferrari’s. Ik herinner me nog toen ik eind jaren zeventig voor het eerst naar Los Angeles verhuisde; het was een slaperige stad. Mensen in Beverly Hills deden vaak hun deuren niet eens op slot. Er was heel weinig criminaliteit. En het was Beverly Hills, het commerciële deel ervan, ten zuiden van Santa Monica Boulevard, met de kleine winkeltjes en ijssalons. Je kon in een hoge stoel zitten en een milkshake drinken. Geen enkel gebouw was hoger dan twee verdiepingen. Het was dus een plek die zich had aangepast aan deze industrie. Het was niet de glitter van Hollywood die we vandaag promoten, met de bijbehorende kosten en levensstijl. Mensen leidden toen een normaal leven, en daarom kenden plaatsen als Marbella toen ook heel wat succes.
Ik herinner me dat ik mensen als Cary Grant zag toen we er ons huis voor het eerst bouwden in de vroege jaren zestig, omdat het een soortgelijke plek was waar acteurs konden rondlopen in korte broek en een wit polohemd. Ze voelden zich niet verplicht om eruit te zien als een ster of om zich op een bepaalde manier te gedragen. Die plekken werden legendarisch door hun normaliteit.

Nadien ben je toch weggetrokken uit Los Angeles. Was de stad zo hard veranderd?

Toen ik Los Angeles verliet, waren mijn kinderen nog jong en mijn dochter ging naar de Crossroads School of Arts & Sciences [in Santa Monica], waar de kinderen van beroemde producers naartoe gingen. Hun ouders vlogen in het weekend rond in privéjets en lieten hun kinderen achter bij kindermeisjes en huishoudsters. Ze speelden idiote spelletjes omdat ze nergens naartoe konden. Dus dronken ze in de bars van hun ouders. En er was een meisje in haar klas dat in coma raakte.
Toen zei ik tegen mezelf, ‘Ik wil dat mijn kinderen opgroeien zoals ik, en dat ze een normaal leven hebben.’ Toen was er ook de oorlog in Irak, dat was iets waar ik misselijk van werd. Dat is één van de redenen waarom ik nu niet terugga naar de V.S., want als ik een ICE-agent zou zien die een Mexicaanse of Latino vrouw in elkaar slaat, dan kom ik er tussen. En dan slaan ze me in de boeien, of ik word op de grond gegooid, ik verlies een tand, ik word neergeschoten of gedeporteerd. Ik ben nu vijfenzestig en wil mezelf of iemand in mijn familie dat niet aandoen.

In het overlijdensbericht van je moeder in The Los Angeles Times stond te lezen, When Jackie Kennedy brought high fashion to the White House, it was evident that her style had been influenced by Miss Hepburn. Wist je daarvan?

Nee, maar het was het begin van een nieuw tijdperk; eind jaren vijftig, begin jaren zestig was ze halfweg haar carrière en had ze ontwerper Hubert de Givenchy al ontmoet. Er wordt trouwens een film gemaakt over die ontmoeting, getiteld “A Dinner with Audrey.” Maar wat Jackie Kennedy betreft, dat wist ik niet; misschien was het gewoon een kwestie van good timing, ik weet het niet.

Zou je van je boek ooit een scenario willen schrijven?

Dat is al gebeurd. Alan [Nevins] is het aan het lezen. Het is nog een heel vroeg concept. Maar zoals ik je al zei, ik ben niet alleen niet objectief wat de inhoud betreft, ik kan ook niet meer beoordelen of iets goed, slecht of anders is. Misschien moet ik het jou eens laten lezen zodat jij me wat tips kan geven.

“Breakfast at Tiffany’s” (1961, trailer)

Niet enkel “A Dinner with Audrey” staat in de steigers, maar ook het project van Lily Collins over het maken van “Breakfast at Tiffany’s.” Kun je daar iets over vertellen?

Ik heb een paar keer met Lily Collins gesproken; ze is een vriendelijke vrouw met een goed stel hersenen. Ze heeft de rechten gekocht van het boek van Sam Wasson, “Fifth Avenue, 5 A.M.: Audrey Hepburn, Breakfast at Tiffany’s and the Dawn of the Modern Woman” [2010]. Maar het wordt moeilijk. Zoals je weet, films over het maken van een film, dat werkt zelden, behalve dan met “The Artist” [2011]. Dat is een meesterwerk. Maar meestal is dat heel moeilijk.

Hoe komt het volgens jou dat “Breakfast at Tiffany’s” is uitgegroeid tot zo’n iconische film?

Ik zeg altijd—en mensen begrijpen me vaak verkeerd—dat “Breakfast at Tiffany’s” een heel eenvoudig recept is. Het is net als een meringue, met een paar ingrediënten die prachtig door elkaar zijn geklopt. Het gaat om het hoe, niet zozeer om het wat. Het gaat om de manier hoe hij is gemaakt, hoe erin wordt gespeeld, en hoe hij is opgebouwd. De thema’s zijn heel eenvoudig. En de reden waarom ze zo eenvoudig zijn, is dat toen Marilyn Monroe de rol afwees en ze die aan mijn moeder hebben aangeboden, zij probeerde die op te tillen en alles eruit te rukken, het tegengestelde van wat ik met dit boek doe, namelijk vastankeren door er wortels aan te geven. Ze ontwortelde die novelle gewoon. Ze probeerde er echt een verhaal van te maken over de thema’s en wat die mensen meemaken. En ik denk dat, deels omdat ze erop stond haar personage vleugels te geven, het op te tillen en het zo thematisch te maken, dat ook de reden is waarom het zo’n legendarische film is geworden. De film is, zoals ik altijd zeg, le monstre sacré van haar carrière; hij is hét referentiepunt geworden. Hij is de parel aan de kroon.

Ik ben bijna geneigd om te zeggen dat elke film die ze tot 1967 maakte een hoogtepunt is uit haar carrière.

Wel, ze maakte toen heel wat belangrijke films, zoals “The Children’s Hour” [1961], over vrouwelijke homoseksualiteit. Dat was toen nog een taboe. “The Nun’s Story” sloot heel goed aan bij haar eigen levensvisie, en was een breuk met Audrey Hepburn, het jongensachtige type dat in romantische komedies speelde. Maar ik ben nog steeds dol op “Funny Face” [1957] want het is de eerste musical ooit die over mode werd gemaakt, en—aangezien ze danseres wilde worden—ze met Fred Astaire mocht dansen. Dat was dus heel belangrijk voor haar; het was een droom die uitkwam. “Love in the Afternoon” [1957] met Gary Cooper is een andere favoriet van mij, omdat het de meest Lubitschiaanse film is die Billy Wilder ooit heeft gemaakt, en ik ben dol op Ernst Lubitsch. Ik hou van dat ouderwets, Europese tintje. Dus elke film is, zoals je zegt, uniek en bijzonder, en mensen beginnen nu ook te zeggen dat “Monte Carlo Baby” [1951], of “Nous irons à Monte Carlo,” ondergewaardeerd is.

“Audrey Hepburn” (2001), geschreven door Barry Paris

In je boek zijn er een aantal van haar films die je niet ter sprake brengt. Was dat een bewuste keuze?

Ik wilde niet dat het boek teveel elementen zou bevatten, want dan verlies je de essentie, of misloop je de oorspronkelijke bedoeling van het boek. Er zijn al meer dan duizend boeken over haar en haar films geschreven, inclusief die dwaze boekjes over al haar hoeden, tijdschriftcovers en zelfs coffee table books. Barry Paris schreef een echt historisch boek [“Audrey Hepburn,” 2001], en ik ben er nog steeds van overtuigd dat dat het best gedocumenteerde boek is. En het was destijds een soort begeleidend boek bij mijn spirituele biografie, “An Elegant Spirit.” We zeiden altijd tegen mensen die ernaar vroegen, Well, if you really want to know what happened, read Barry’s book. En hij zei dan, If you really want to know what she was like on the inside, read Sean’s book. Maar ik denk dat we nu iets hebben dat in beide richtingen werkt.

De titel van je boek is “Intimate Audrey,” net zoals je tentoonstelling. Hoe zijn die twee met elkaar verbonden?

Ik denk dat ze op veel manieren met elkaar verbonden zijn, omdat de tentoonstelling zo intiem en persoonlijk is. Ik vind de titel ook heel passend, en het lijkt me logisch dat het ene een verlengstuk is van het andere, ook al zou het boek de aanleiding voor de tentoonstelling moeten zijn. En de tentoonstelling is weliswaar een verlengstuk, maar die was er eerder dan het boek, dus ik vind het een goed idee dat ze allebei met elkaar verbonden zijn en ze mekaar perfect aanvullen.

Je hebt ook het audioboek van “Intimate Audrey: The Authorized Biography” ingesproken. Hoe is dat verlopen?

Ik heb het audioboek ingesproken met een geweldige actrice, Paulie Rojas, waar ik nu al een aantal jaren mee samenwerk. Ze kan de stem van mijn moeder perfect nabootsen. Soms krijg ik kippenvel als ik haar hoor praten.

Eén van de dingen die je moeder haar wereldwijde publiek heeft nagelaten, was haar oeuvre, haar films. Wat is het grootste geschenk dat ze jou heeft gegeven?

Opgroeien in een gezin zonder enige ideologie. Het tweede geschenk dat ze ons gaf—en dat is misschien nog veel belangrijker—is dat ze, toen ze op het hoogtepunt van haar carrière stond, uit de filmwereld stapte en voltijds moeder werd omdat ze een gezin wilde. Ze schonk ons een prachtig stukje van haar leven.

Heb je, naast je scenario, nog andere plannen voor de nabije of de verre toekomst?

Nee, en ik probeer niet te veel plannen te maken, dus het is voorlopig een lege agenda. De tentoonstelling “Intimate Audrey” is de komende jaren in China te zien. Na zes maanden in Shanghai kwam Guangzhou aan de beurt; nadien gaat hij naar Shenzhen of misschien Macau.

Interview via Google Meet
29 april, 2026

“Intimate Audrey,” poster van de tentoonstelling

FILMS

NEDERLANDS IN ZEVEN LESSEN, a.k.a. DUTCH IN SEVEN LESSONS (1948) DIR Charles Huguenot van der Linden, Heinz Josephson PROD Charles Huguenot van der Linden, Heinz Josephson, Harold Goodwin, George Julsing, Jack Dudok van Heel SCR Charles Huguenot van der Linden, Heinz Josephson CAM Peter Staugaard, Piet Schrikker ED Rita Roland CAST Sanny Day, Pia Beck, Wam Heskes, Greet Vogels, Koes Koen, Audrey Hepburn (KLM Stewardess), A. Viruly

ONE WILD OAT (1951) DIR Charles Saunders PROD John Croydon SCR Vernon Sylvaine, Lawrence Huntingdon (play by Vernon Sylvaine) CAM Robert Navarro ED Margery Saunders MUS Stanley Black CAST Robert Hare, Stanley Holloway, Vera Pearce, Andrew Crawford, Irene Handl, June Sylvaine, Constance Lorne, Audrey Hepburn (Hotel Receptionist), Roger Moore

LAUGHTER IN PARADISE (1951) DIR – PROD Mario Zampi SCR Jack Davies, Michael Pertwee (story by Jack Davies, Michael Pertwee) CAM William McLeod ED Guilio Zampi MUS Stanley Black CAST Fay Compton, George Cole, Alastair Sim, John Laurie, Joyce Grenfell, Beatrice Campbell, Guy Middleton, Hugh Griffith, Audrey Hepburn (Cigarette Girl), Sebastian Cabot

THE LAVENDER HILL MOB (1951) DIR Charles Crichton PROD Michael Balcon SCR T.E.B. Clarke CAM Douglas Slocombe ED Seth Holt MUS Georges Auric CAST Alec Guinness, Stanley Holloway, Sidney James, Alfie Bass, Marjorie Fielding, Edie Martin, Audrey Hepburn (Chiquita), Robert Shaw

YOUNG WIVES’ TALE (1951) DIR Henry Cass PROD Victor Skutezky SCR Anne Burnaby (play by Ronald Jeans) CAM Erwin Hillier ED Edward B. Jarvis MUS Philip Green CAST Joan Greenwood, Nigel Patrick, Derek Farr, Guy Middleton, Athene Seyler, Helen Cherry, Audrey Hepburn (Eve Lester), Irene Handl

SECRET PEOPLE (1952) DIR Thorold Dickinson PROD Sidney Cole SCR Thorold Dickinson, Wolfgang Wilhelm (story by Thorold Dickinson) CAM Gordon Dines ED Peter Tanner MUS Roberto Gerhard CAST Valentina Cortese, Serge Reggiani, Charles Goldner, Audrey Hepburn (Nora), Angela Fouldes, Megs Jenkins, Irene Worth, Bob Monkhouse

MONTE CARLO BABY, a.k.a. NOUS IRONS TOUS À MONTE CARLO (1952) DIR Jean Boyer, Jean Jerrold PROD Ray Ventura SCR Jean Boyer, Alex Joffé, Jean Jerrold, Serge Véber CAM Charles Suin ED Fanchette  Mazin MUS Paul Misraki CAST Ray Ventura, Henri Génès, Georges Lannes, Philippe Lemaire, Danielle Godet, John Van Dreelen, Audrey Hepburn (Linda Farrell / Melissa Farrell), Marcel Dalio, Suzanne Guémard, André Dalibert

ROMAN HOLIDAY (1953) DIR – PROD William Wyler SCR Dalton Trumbo, John Dighton, Ian McLellan Hunter CAM Frank F. Planer, Henri Alekan ED Robert Swink MUS Georges Auric CAST Gregory Peck, Audrey Hepburn (Princess Ann), Eddie Albert, Hartley Power, Harcourt Williams, Margaret Rawlings, Tullio Carminati

SABRINA (1954) DIR – PROD Billy Wilder SCR Billy Wilder, Samuel A. Taylor, Ernest Lehman (play by Samuel A. Taylor) CAM Charles Lang Jr. ED Arthur P. Schmidt MUS Frederick Hollander CAST Humphrey Bogart, Audrey Hepburn (Sabrina Fairchild), William Holden, Walter Hampden, John Williams, Martha Hyer, Joan Vohs, Marcel Dalio, Frances X. Bushman, Marion Ross

WAR AND PEACE (1956) DIR King Vidor PROD Dino De Laurentiis SCR Mario Soldati, Gian Gaspare Napolitano (adaptation by King Vidor, Mario Camerini, Bridget Boland, Ivo Perilli, Robert Westerby, Ennio De Concini; novel by Leo Tolstoy) CAM Jack Cardiff ED Leo Cattozzo MUS Nino Rota CAST Audrey Hepburn (Natasha Rostova), Henry Fonda, Mel Ferrer, Vittorio Gassman, Herbert Lom, Oskar Homolka, Anita Ekberg, Helmut Dantine, John Mills

FUNNY FACE (1957) DIR Stanley Donen PROD Roger Edens SCR Leonard Gershe CAM Ray June ED Frank Bracht MUS George Gershwin, Ira Gershwin, Leonard Gershe, Roger Edens CAST Audrey Hepburn (Jo Stockton), Fred Astaire, Kay Thompson, Michel Auclair, Robert Flemyng, Dovima, Suzy Parker, Sunny Harnett

LOVE IN THE AFTERNOON (1957) DIR – PROD Billy Wilder SCR Billy Wilder, I.A.L. Diamond (novel ‘Ariane’ by Claude Anet) CAM William C. Mellor ED Leonid Azar MUS Franz Waxman CAST Gary Cooper, Audrey Hepburn (Ariane Chavasse), Maurice Chevalier, John McGiver, Van Doude, Lise Bourdin, Olga Valéry, Franz Waxman, Louis Jourdan (narration)

GREEN MANSIONS (1959) DIR Mel Ferrer PROD Edmund Grainger SCR Dorothy Kingsley (novel by William Henry Hudson) CAM Joseph Ruttenberg ED Ferris Webster MUS Bronislau Kaper CAST Audrey Hepburn (Rima), Anthony Perkins, Lee J. Cobb, Sessue Hayakawa, Henry Silva, Nehemiah Persoff

THE NUN’S STORY (1959) DIR Fred Zinnemann PROD Henry Blanke, Fred Zinnemann [uncredited] SCR Robert Anderson (book by Kathryn C. Hulme) CAM Franz F. Planer MUS Franz Waxman ED Walter Thompson CAST Audrey Hepburn (Gabrielle van der Mal [Sister Luke]), Peter Finch, Dame Edith Evans, Dame Peggy Ashcroft, Dean Jagger, Mildred Dunnock, Beatrice Straight, Colleen Dewhurst

THE UNFORGIVEN (1960) DIR John Huston PROD James Hill SCR Ben Maddow (novel by Alan LeMay) CAM Franz F. Planer ED Russell Lloyd MUS Dimitri Tiomkin CAST Burt Lancaster, Audrey Hepburn (Rachel Zachary), Audie Murphy, John Saxon, Charles Bickford, Lillian Gish, Albert Salmi

BREAKFAST AT TIFFANY’S (1961) DIR Blake Edwards PROD Martin Jurow, Richard Shepherd SCR George Axelrod (novel by Truman Capote) CAM Franz F. Planer ED Howard A. Smith MUS Henry Mancini CAST Audrey Hepburn (Holly Golightly), George Peppard, Patricia Neal, Buddy Ebsen, Martin Balsam, John McGiver, Mickey Rooney

THE CHILDREN’S HOUR (1961) DIR – PROD William Wyler SCR John Michael Hayes (play by Lillian Hellman) CAM Franz F. Planer ED Robert Swink MUS Alex North CAST Audrey Hepburn (Karen Wright), Shirley MacLaine, James Garner, Miriam Hopkins, Fay Bainter, Karen Balkin, Veronica Cartwright

CHARADE (1963) DIR – PROD Stanley Donen SCR Peter Stone (story by Peter Stone, Marc Behm) CAM Charles Lang Jr. ED James Clark MUS Henry Mancini CAST Cary Grant, Audrey Hepburn (Regina Lampert), Walter Matthau, James Coburn, George Kennedy, Dominique Minot, Ned Glass, Stanley Donen, Mel Ferrer, Peter Stone

PARIS WHEN IT SIZZLES (1964) DIR Richard Quine PROD George Axelrod SCR George Axelrod (story ‘La fête à Henriette’ by Julien Duvivier, Henri Jeanson) CAM Charles Lang Jr., Claude Renoir ED Archie Marshek MUS Nelson Riddle CAST William Holden, Audrey Hepburn (Gabrielle Simpson / Gaby), Grégoire Aslan, Raymond Duvaleix, Michel Thomas, Noël Coward, Tony Curtis, Mel Ferrer

MY FAIR LADY (1964) DIR George Cukor PROD Jack L. Warner SCR Alan Jay Lerner (book by Alan Jay Lerner; play by George Bernard Shaw) CAM Harry Stardling Sr. ED William H. Ziegler MUS André Previn CAST Audrey Hepburn (Eliza Doolittle), Rex Harrison, Stanley Holloway, Wilfrid Hyde-White, Gladys Cooper, Jeremy Brett, Theodore Bikel, Mona Washbourne, Betty Blythe

HOW TO STEAL A MILLION (1966) DIR William Wyler PROD Fred Kohlmar SCR Harry Kurnitz (story by George Bradshaw) CAM Charles Lang ED Robert Swink MUS Johnny Williams CAST Audrey Hepburn (Nicole), Peter O’Toole, Eli Wallach, Hugh Griffith, Charles Boyer, Fernand Gravey, Marcel Dalio, Jacques Marin

TWO FOR THE ROAD (1967) DIR – PROD Stanley Donen SCR Frederic Raphael CAM Christopher Challis ED Richard Marden, Madelèine Gug MUS Henry Mancini CAST Audrey Hepburn (Joanna Wallace), Albert Finney, William Daniels, Eleanor Bron, Claude Dauphin, Nadia Grey, George Descrieres, Gabrielle Middleton, Jacqueline Bisset, Judy Cornwell

WAIT UNTIL DARK (1967) DIR Terence Young PROD Mel Ferrer SCR Richard Carrington, Jane-Howard Carrington (play by Frederick Knott) CAM Charles Lang ED Gene Milford MUS Henry Mancini CAST Audrey Hepburn (Susy Hendrix), Alan Arkin, Richard Crenna, Efrem Zimbalist Jr., Jack Weston, Robby Benson, Mel Ferrer

ROBIN AND MARIAN (1976) DIR Richard Lester PROD Denis O’Dell SCR James Goldman CAM David Watkin ED John Victor Smith MUS John Barry CAST Sean Connery, Audrey Hepburn (Maid Marian), Robert Shaw, Richard Harris, Nicol Williamson, Denholm Elliott, Ian Holm

BLOODLINE (1979) DIR Terence Young PROD Sidney Beckerman, David V. Picker SCR Laird Koenig (novel by Sidney Sheldon) CAM Freddie Young ED Bud Molin MUS Ennio Morricone CAST Audrey Hepburn (Elizabeth Roffe), Ben Gazzara, James Mason, Romy Schneider, Omar Sharif, Claudia Mori, Irene Papas, Michelle Philips, Maurice Ronet, Gert Fröbe, Gabrielle Ferzetti

THEY ALL LAUGHED (1981) DIR Peter Bogdanovich PROD Blaine Novak, George Morfogen SCR Peter Bogdanovich, Blaine Novak CAM Robby Müller ED Scott Vickrey, William C. Carruth CAST Audrey Hepburn (Angela Niotes), Ben Gazzara, John Ritter, Dorothy Stratten, Patti Hansen, Blaine Novak, Sean Hepburn Ferrer, Glenn Scarpelli, Antonia Bogdanovich, Alexandra Bogdanovich, Elizabeth Peña, Peter Bogdanovich

ALWAYS (1989) DIR Steven Spielberg PROD Steven Spielberg, Frank Marshall, Kathleen Kennedy SCR Dalton Trumbo, Jerry Belson, Frederick Hazlitt Brennan (story ‘A Guy Named Joe’ by Chandler Sprague, David Boehm) CAM Mikael Salomon ED Michael Kahn MUS John Williams CAST Richard Dreyfuss, Holly Hunter, John Goodman, Brad Johnson, Audrey Hepburn (Hap), Roberts Blossom, Keith David, Marg Helgenberger

TV MOVIES

SAUCE TARTARE (1949) DIR Audrey Cameron PROD Walton Anderson SCR Matt Brooks MUS Allan Gray CAST Jessie Matthews, Claude Hulbert, Renee Houston, Muriel Smith, Jack Melford, Joan Heal, Audrey Hepburn, Jean Bayless

MAYERLING (1957) DIR Anatole Litvak PROD Fred Coe CAST Audrey Hepburn (Maria Vetsera), Mel Ferrer, Raymond Massey, Diana Wynyard

LOVE AMONG THIEVES (1987) DIR Roger Young PROD Robert A. Papzian SCR Stephen Black, Henry Stern CAM Gayne Rescher ED James Mitchell MUS Arthur B. Rubinstein CAST Audrey Hepburn (Baroness Caroline DuLac), Robert Wagner, Patrick Bauchau, Jerry Orbach, Brion James, Samantha Eggar, Christopher Neame

TV SERIES

BBC NIGHT THEATRE (1951) DIR William Templeton CAST (episode ‘The Silent Village’) Becket Bould, Peter Bull, Andrew Cruickshank, Audrey Hepburn (Celia), Anthony Ireland, Glyn Lawson, Joyce Redman, Jack Watling

CBS TELEVISION WORKSHOP: RAINY DAY IN PARADISE JUNCTION(1952) CAST Audrey Hepburn, Paul Langton, Carmen Matthew

DOCUMENTARIES

A WORLD OF LOVE (1971, UNICEF documentary special) PROD Alexander Cohen HOSTS Bill Cosby, Audrey Hepburn, Shirley MacLaine, Richard Burton, Julie Andrews, Barbra Streisand, Harry Belafonte

GARDENS OF THE WORLD, PARTS I-VI (1993) DIR Bruce Fanchini PROD Janis Blacksleger HOST Audrey Hepburn; Michael York (narration)