Trini Lopez: “Al de filmrollen die ik vroeger in Hollywood kreeg aangeboden, heb ik ook gespeeld”

Afgelopen dinsdag, 11 augustus 2020, overleed Trini Lopez op 83-jarige leeftijd aan de gevolgen van COVID-19 in het Desert Regional Medical Center in Palm Springs, Californië. De sociale media accounts van Palm Springs Life waren de eersten om zijn dood te melden. Zo werd hij één van de (momenteel) ruim 165.000 COVID-slachtoffers in de V.S.

Hier even een korte terugblik naar februari 2002 toen ik bij hem thuis in de Zuid-Californische woestijnstad werd verwelkomd voor een vraaggesprek. En het was een heel warm welkom, de man was een uiterst vriendelijke, charismatische en innemende gastheer.

Maar anderzijds, Trini Lopez, zal u zeggen. Welke link heeft deze zanger uit de jaren zestig met film? Toegegeven, zijn aandeel op dat vlak is eerder beperkt. Hij speelde zichzelf in films als “Marriage on the Rocks” (1965, met Frank Sinatra) en in de all-star en door het VN gefinancierde anti-drugpamflet “The Poppy Is Also a Flower” (1966); de begintune van de film “Made in Paris” (1966) met Ann-Margret en Louis Jourdan was van zijn hand, en hij speelde een sleutelrol in de satire “The Phynx” (1970). Zijn meest bekende filmrol is echter deze van Pedro Jiminez in de legendarische actiefilm “The Dirty Dozen” (1967) van Robert Aldrich. Enkele jaren later speelde hij zijn eerste en enige starring role in de bescheiden en kleinschalige komedie “Antonio” (1973).

Trini Lopez in 2002, thuis in Palm Springs, met enkele van zijn gouden platen en onderscheidingen. Foto: © Leo/Film Talk

Hij trad dus niet in de voetsporen van een Bing Crosby of Frank Sinatra—en in mindere mate ook Elvis Presley—door als zanger uit te groeien tot een filmacteur in vaste loondienst. Dat was niet aan hem besteed: Trini Lopez had van het filmmedium geproefd en dat volstond voor hem.

Zijn bekende songs als “If I Had a Hammer” (zomer van 1963, goed voor 5 miljoen verkochte singles en nummer één in meer dan 25 landen), “America,” “This Land Is Your Land,” en “La Bamba” (alle afkomstig van de LP “Trini Lopez at PJ’s” uit 1963), gevolgd door nummers als “Kansas City” (1963), “Jailer, Bring Me Water” (1964), “Lemon Tree” (1965), “Sinner Man” (1965, uit de film “Marriage on the Rocks”), “I’m Comin’ Home, Cindy” (1966) en “La Bamba” (1966, eerder ook te horen op “Trini Lopez at PJ’s”) deden de rest.

Ook al was hij reeds vele jaren over zijn hoogtepunt heen en werd er hier in de Lage Landen nauwelijks nog over hem gesproken, in de States bleef Trini Lopez—soms ook vermeld als Trini López— vele jaren een uiterst respectabel en gereputeerd artiest. Afkomstig uit Dallas, Texas, waar hij in 1937 is geboren, verhuisde de man met Mexicaanse roots na zijn succesvolle muzikale doorbraak in 1963 naar Los Angeles, om zich enkele jaren later definitief te vestigen in het mondaine en veel rustigere Palm Springs. Jarenlang waren zijn makkers Bob Hope en Frank Sinatra zijn buren. Een indicatie van zijn sociale—en allicht ook financiële—status.

De cover van de cd “Trini Lopez at PJ’s.” Van de LP werden meer dan een miljoen exemplaren verkocht en in de Amerikaanse Billboard charts stond hij in 1963 zes weken op nummer twee.

Zijn legendarische optredens in PJ’s, een nachtclub in Hollywood waar hij in het begin van de jaren zestig furore maakte, betekenden zijn entree langs de grote poort. Tal van acteurs kwamen er ’s avonds langs en het was een tijd lang zowaar de bakermat van het uitgangsleven in de filmstad. Lopez maakte al vlug deel uit van de jetset. Steve McQueen, Paul Newman en Frank Sinatra, om er maar enkele te vermelden, vonden er hun gading. De Amerikaanse platenproducer Don Costa zag en hoorde Trini Lopez er aan het werk, en bracht hem in contact met Frank Sinatra die hem op zijn beurt meteen een contract aanbood bij zijn platenlabel Reprise Records. Nadat een eerste live elpee werd uitgebracht, opgenomen in PJ’s, werd het nummer “If I Had a Hammer” in juli 1963 op single uitgebracht en het werd in een mum van tijd een wereldhit.

Trini Lopez leerde vervolgens Frank Sinatra, zijn kersverse platenbaas, deels mentor en uiteindelijk compaan, beter kennen. Ze ontmoetten mekaar voor het eerst op de filmset van Sinatra’s komische western “Four From Texas” (1963), nietsvermoedend dat zij vrienden zouden worden voor het leven. Sinatra engageerde hem voor een cameo rol in “Marriage on the Rocks” (1965) en wat mogelijk het begin leek van een lange en vruchtbare filmcarrière, werd voor Trini Lopez uiteindelijk een zeer bescheiden en onopvallende stap in het onbekende. “Al de filmrollen die ik vroeger in Hollywood kreeg aangeboden, heb ik ook gespeeld,” zei hij. “Het lag immers niet in mijn aard om te talmen of producers aan het lijntje te houden.” Wat best begrijpelijk was. Zo was hij ook toen ik hem ontmoette, hij wond hij er geen doekjes om. Recht voor de raap, en in alle bescheidenheid. Hij stelde de feiten niet beter voor dan ze waren. Als acteur lag hij gewoon niet zo goed in de markt, en de pogingen die hij met volle overgave heeft ondernomen, leverden niet het gewenste resultaat op. Lopez: “Als zanger kunnen je films je platenverkoop ondersteunen, je staat onafgebroken in de kijker en je wisselt het opnemen van films af met plaatopnamen of een concerttournee. Dat leek me een ideale combinatie en zo zag ik het ook. Maar wat was de oorzaak dat mijn filmcarrière niet echt van de grond kwam?” vroeg hij zich af, zonder echt nog naar een antwoord te zoeken.

De trailer van “The Dirty Dozen”

“The Dirty Dozen” (1967) had voorzeker een belangrijk keerpunt in zijn carrière kunnen worden, zo werkte het althans voor tegenspelers Jim Brown en Donald Sutherland. Maar zij waren nog erg nieuw. Onbekende gezichten in een voor hen passende rol. Trini Lopez draaide toen al enkele jaren mee en hij was een beroemdheid, en speelde in “The Dirty Dozen” bovendien een vrij kleurloos personage, niet meteen een denderende introductie.

Er was mogelijk ook een andere oorzaak. Lopez: “Frank Sinatra was net in Las Vegas getrouwd met Mia Farrow en kort daarna trokken ze een tijd naar zijn appartement in Londen. Toen ik in Engeland was voor een aantal optredens, nodigde hij me uit voor een etentje bij hem thuis en hij vroeg me hoe het met “The Dirty Dozen” was gesteld. De opnamen waren uitgelopen en zo, en omdat ik als zanger al enkele jaren goed meedraaide, gaf hij me de raad om me te concentreren op mijn muziek en minder op film. Ik beschouwde hem als een vaderfiguur en indien ik een andere keuze had gemaakt, dan had ik het misschien ook als acteur kunnen waarmaken, maar och, achteraf is het allemaal nog niet zo slecht verlopen.”

Publiciteitsfoto van Trini Lopez. Courtesy Trini Lopez

Zo zakte Trini Lopez als acteur vrij snel weg in de anonimiteit, maar als zanger had hij nog vele productieve jaren tegoed. Geen succesjaren meer, maar hij bleef wel aan het werk. In totaal had hij ten tijde van onze ontmoeting meer dan 50 elpees en cd’s opgenomen en de royalties die hij met de regelmaat van de klok opstreek, waren meer dan lonend. Ze verzekerden hem van een blijvend inkomen en een levensstijl die de uwe en de mijne vér overklaste. Maar ook op dat vlak stond hij met beide voeten op de grond. Hij had dan wel twee blitze Rolls Royces in de dubbele garage staan, hij gebruikte toch liever de fiets die aan de muur hing. Daarmee ging hij meerdere keren per week enkele uren rondtoeren, kwestie van in goeie fysieke conditie te blijven.

Zijn partner was me toen in 2002 overigens aan het busstation van Greyhound in Palm Springs komen ophalen met één van de Rolls Royces. Na een comfortabele Greyhoundrit van pakweg twee uur vanuit Hollywood, stond ze me op te wachten en reden we van daaruit meteen door naar Trini’s woning—Call me Trini, was het eerste dat hij tegen me zei toen me mekaar begroetten. Na een ongedwongen babbel over muziek, film, een carrière temidden van vedetten en zijn vriendschap met de legendarische rockster Buddy Holly, gingen we enkele uren later met z’n drieën naar zijn favoriete restaurant Cedar Creek Inn voor een uitgebreid diner—of eerder een gezellig onderonsje—waarvoor hij na afloop de check van ruim honderdvijftig dollar al te graag met zijn Mastercard betaalde. Trini Lopez was erg innemend en loyaal.

En die ingesteldheid heeft zeker gezorgd voor de warme appreciatie die hij door de jaren heen bleef krijgen van collega’s uit de muziek- en de filmwereld. Zijn optimistische, haast vredesboodschap welke hij uitdroeg met zijn lijflied “If I Had a Hammer” (voor Sinatra was het “My Way,” Bing Crosby had zijn “White Christmas”) zorgde onrechtstreeks voor een erkenning van de Verenigde Naties doordat hij na Louis Armstrong en Frank Sinatra werd uitgeroepen tot ‘Goodwill Ambassador for the United Nations.’ It’s nice to be important, but it’s also important to be nice, liet hij zich tussendoor tijdens het vraaggesprek in zijn zitkamer ontvallen en hiermee zette hij zijn eigen levensvisie extra in de verf. De press coverage die hem te beurt viel telkens hij ergens in de V.S. optrad, bevestigde dat hij een erg geprezen man was met bijzonder veel inhoud. Trini keeps hammerin’ on—dat was de boodschap die de wereld wordt ingestuurd.

“If I Had a Hammer,” ook gekend als “The Hammer Song,” was van oorsprong een protestsong van folkzanger en activist Pete Steeger, en dateert uit 1949. De versie van Trini Lopez is de meest bekende en bereikte in augustus de derde plaats in de Amerikaanse hitlijsten. Een jaar eerder, in de zomer van 1962, bereikte de versie van Peter, Paul & Mary ook al de Amerikaanse top tien.

Eén van de kamers in zijn woning, gevuld met zijn trofeeën en onderscheidingen (én de Oscar die acteur James Dunn in 1945 won voor zijn rol in “A Tree Grows in Brooklyn”), was tot de nok gevuld met netjes ingekaderde foto’s waarop hij poseerde met de groten der aarde uit de showbusiness en de politiek, van president John F. Kennedy tot Sinatra en de Beatles. De foto met de Fab Four werd genomen in de Parijse Olympia toen het viertal uit Liverpool er in januari-februari 1964 optrad met Trini Lopez en de Franse zangeres Sylvie Vartan—dat was nét voor hun fenomenale en wereldwijde doorbraak in 1964 (“I Want to Hold Your Hand” was hun eerste single in de V.S. en kwam er uit op 18 januari 1964). Toen Trini Lopez destijds in de Franse hoofdstad werd gevraagd of hen een mooie toekomst te wachten stond (met hun eerste tournee door de VS in het verschiet), antwoordde hij ietwat aarzelend. Achteraf klonk het onbegrijpelijk, ware het niet dat ze toen naar eigen zeggen nog op zoek waren naar een volwaardige sound en stijl die er uiteindelijk van bij het begin al meteen waren.

En anno 2002, zoveel jaren later, was ook voor Trini Lopez de tijd niet blijven stilstaan en hanteerde hij het internet als zijn persoonlijke uitvalsbasis. Hij had toen een eigen website uitgebouwd waarbij hij zijn cd-verkoop in eigen beheer regelde en optredens aankondigde, maar die werden enkele jaren later erg schaars (ook de verkoop van cd’s liep al snel fors terug). In 2013 speelde hij nog in Maastricht, in concert met de violist André Rieu, maar optreden deed hij toen nog nauwelijks.

Publiciteitsfoto van Trini Lopez. Courtesy Trini Lopez

Tussendoor was hij nog wel te zien op de golfterreinen van Palm Springs waar hij in het verleden de ene trofee na de andere behaalde (de man was een begenadigd golfer), maar het filmpubliek was hem toen reeds lang vergeten. Anderzijds zou in deze donkere tijden zijn boodschap van verdraagzaamheid en tolerantie, zoals die weerklonk in “If I Had a Hammer,” als een overdonderende echo in ieders oren moeten nagalmen.

Momenteel is een documentaire over de man, getiteld “My Name Is Lopez,” in post-productie. De documentairemakers, Todd Hughes en P. David Ebersole—beiden ook woonachtig in Palm Springs—hadden hem vorige week nog een rough cut kunnen tonen om te zien of hij in de docu ergens aanpassingen wilde. Wat oorspronkelijk was opgevat als een overzicht van zijn leven en werk, zal nu allicht worden bijgewerkt tot een hulde aan Trinidad López III, zoals zijn echte naam luidde.

Palm Springs, Californië
11 februari 2002

FILMS

MARRIAGE ON THE ROCKS (1965) DIR Jack Donahue PROD – CAM William H. Daniels SCR Cy Howard ED Sam O’Steen MUS Nelson Riddle CAST Frank Sintra, Deborah Kerr, Dean Martin, Cesar Romero, Hermione Baddeley, Tony Bill, John McGiver, Nancy Sinatra, Trini Lopez (Trini Lopez), Kathleen Freeman

THE POPPY IS ALSO A FLOWER (1966) DIR Terence Young PROD Adolf Eder, Karl Spiehs, Euan Lloyd SCR Jo Eisinger (verhaal van Ian Fleming) CAM Henri Alekan ED Monique Bonnot, Peter Thornton, Henry Richardson MUS Georges Auric CAST Senta Berger, Stephen Boyd, Yul Brynner, Angie Dickinson, Hugh Griffith, Jack Hawkins, Rita Hayworth, Trevor Howard, Trini Lopez (Trini Lopez), E.G. Marshall, Marcello Mastroianni, Anthony Quale, Gilbert Roland, Omar Sharif, Eli Wallach, Marilù Tolo, Bessie Love

THE DIRTY DOZEN (1967) DIR Robert Aldrich PROD Kenneth Hyman SCR Nunnally Johnson, Lukas Heller (boek van E.M. Nathanson) CAM Edward Scaife ED Michael Luciano MUS Frank De Vol CAST Lee Marvin, Ernest Borgnine, Charles Bronson, Jim Brown, John Cassavetes, Richard Jaeckel, George Kennedy, Trini Lopez (Pedro Jimenez), Ralph Meeker, Robert Ryan, Telly Savalas, Donald Sutherland, Clint Walker, Robert Webber, Hildegard Knef, Dick Miller

THE PHYNX (1970) DIR Lee H. Katzin PROD Bob Booker, George Foster SCR Stan Cornyn (verhaal van Bob Booker, George Foster) CAM Michael Hugo ED Dann Cahn MUS Mike Stoller CAST Busby Berkeley, Maureen O’Sullivan, Richard Pryor, Edgar Bergen, Pat O’Brien, Dick Clark, Xavier Cugat, Cass Daley, Andy Devine, Louis Hayward, George Jessel, Ruby Keeler, Patsy Kelly, Dorothy Lamour, Guy Lombardo, Trini Lopez (Trini Lopez), Marilyn Maxwell, Butterfly McQueen, Martha Raye, Ed Sullivan, Rudy Vallee, Clint Walker, Johnny Weissmuller, Sally Struthers

ANTONIO (1973) DIR – PROD Claudio Guzmán SCR Marvin Walkenstein (verhaal van Claudio Guzmán) CAM Andrés Martorell De Llanza ED Antonio Ripoll, Alfredo Levinsky MUS Ralph Ferraro CAST Trini Lopez (Antonio Contreras), Larry Hagman, Noemi Guerrero, Pedro Becker, Luis Gonzales, Marvin Walkenstein, Patricio Lopez, Nena Campbell, Silvia Rivera

TV FILM

THE RELUCTANT HEROES (1971) DIR Robert Day PROD Robert Mirisch SCR Herman Hoffman, Ernest Frankel (verhaal van Herman Hoffman) CAM Archie R. Dalzell ED Art Seid MUS Frank De Vol CAST Ken Barry, Jim Hutton, Trini Lopez (Sam Rivera), Don Marshall, Ralph Meeker, Cameron Mitchell, Warren Oates, Richard Young, Michael St. George, Soon-Tek Oh