Tobe Hooper: “Het is goed om een film te hebben gemaakt die de tand des tijds blijft doorstaan”

De film waarmee de Amerikaanse filmregisseur Tobe Hooper (1943-2017) bij het brede publiek bekendheid verwierf, “The Texas Chain Saw Massacre” (1974), was een onafhankelijke low-budget thriller die uitgegroeide tot één der meest succesvolle en invloedrijke horrorfilms van de voorbije halve eeuw. Zijn film maakte duidelijk dat nieuwe regels werden gehanteerd: het was meteen gedaan met Christopher Lee die herrees uit zijn graf. Ofschoon zowel het horrorgenre als deze film lang niet bij iedereen evenveel bijval kennen, toch werd “The Texas Chain Saw Massacre” het handelsmerk in de lange carrière van Tobe Hooper. Nadien regisseerde hij nog o.m. de succesvolle TV-film “Salem’s Lot” (1979), scoorde hij met “Poltergeist” (1982) zijn grootste hit aan de zijde van producer Steven Spielberg, en maakte later nog films als “Lifeforce” (1985), “Invaders From Mars” (1986, remake van de klassieker uit 1953) en de sequel “The Texas Chain Saw Massacre 2” (1986).

Eregast Tobe Hooper tijdens het Offscreen Filmfestival te Brussel in 2015. Foto: Serena Emiliani/Offscreen

In maart 2015 bracht Tobe Hooper een bezoek aan Brussel; als eregast van het Offscreen Filmfestival (in samenwerking met de Brusselse Cinematek en BOZAR) vertoefde hij bijna twee weken in de hoofdstad. Eén van de hoogtepunten waarmee de 8ste editie van Offscreen een ware primeur binnenhaalde, was een kristalheldere en digitaal gerestaureerde high definition versie van “The Texas Chain Saw Massacre” welke onder grote belangstelling en in het gezelschap van Hooper in de Henry le Boeuf-zaal van BOZAR werd vertoond. Ooit bestempeld als goedkope horror, werd de film ruim vier decennia na zijn oorspronkelijke release in een gloednieuw kleedje gestoken. Naast de digitale herwerking van de film werd eveneens het superieure Dolby Surround 7.1 toegevoegd: de film klonk alsof hij onlangs werd gemaakt, en de low-cost look van de film was zo goed als verdwenen. Of zoals Tobe Hooper het zelf verwoordde: “Nu zie je meer en hoor je meer, zodat je nauwer betrokken bent bij de emoties van de personages.” Een gesprek met de regisseur.

Mr. Hooper, stoort het je niet dat je onafgebroken vragen moet beantwoorden over “The Texas Chain Saw Massacre” [1974], alsof dat de enige film is die je ooit hebt gemaakt?

Er horen heel wat films thuis in het universele en tijdloze filmgeheugen, meestal zijn het films die om één of andere reden van betekenis zijn, dus ik prijs me heel gelukkig dat één van mijn films daarbij hoort. Het is goed om een film te hebben gemaakt die de tand des tijds blijft doorstaan.

“The Texas Chain Saw Massacre” kostte minder dan 100.000 dollar en bracht in de VS meer dan 30.000.000 dollar op. “Easy Rider” [1969] was een soortgelijke en onafhankelijke trendsetter. Met een budget van 400.000 dollar kende hij een omzet van ruim 41.000.000 dollar. Wanneer besefte je dat “The Texas Chain Saw Massacre” zulk een succes en zelfs een cultfilm kon worden?

Toen ik de film had afgewerkt en bezig was met de post-productie, waren er leden van de crew die tegen elkaar zegden, ‘This thing is awesome.’  Ik vermoedde dat hij wel uit zijn kosten zou geraken, maar ik was op mijn hoede om de film in een zaal met publiek te zien. Dus koos ik voor een drive-in, zoals die toen nog bestonden. Ongeveer halverwege de film zag ik bij heel wat auto’s vóór mij voortdurend de stoplichten branden. Ik dacht toen, ‘Jongens, dat ziet er niet goed uit, die mensen gaan dadelijk allemaal vertrekken.’ En dat bleef zich maar herhalen, totdat het me opviel dat ik ook onbewust met mijn voet op m’n rempedaal duwde. De film had blijkbaar een invloed op mijn beenspieren die zich voortdurend opspanden. Ik herinner me nog toen Ridley Scott met een hamburger en een beker Coca-Cola naar een visie van de film kwam. De lichten van de zaal werden gedoofd, de film begon, en toen hij was afgelopen en de lichten werden ontstoken, zat hij er nog altijd met zijn hamburger en zijn Cola. Dat waren dus goede voortekens.

Frank Capra en Preston Sturges zijn bekend om hun ‘screwball comedies,’ Hitchcock voor zijn thrillers en jij bent iemand van het horrorgenre. Was dat een bewuste keuze of puur toeval?

Wel, het was voor mij blijkbaar de enige manier om uit mijn geboortestad Austin, Texas, weg te geraken en in Los Angeles aan de slag te kunnen: daar staat nog altijd de grote microfoon om de rest van de wereld te bereiken. Dus wat mij betreft was het enkel een poging om daar te kunnen geraken. Mijn eerste film, “Eggshells” [1969], was een enorme flop. Die film heeft me geen stap vooruitgeholpen, maar ik wist wel dat ik nog genoeg geld bij elkaar kon krijgen om een kleine en goedkope film te maken. Ik opteerde daarom voor het horrorgenre, omdat het misschien meer perspectieven bood aan de kassa, waardoor ik als filmmaker dan verder aan het werk kon blijven. Dat is de reden waarom ik toen “The Texas Chain Saw Massacre” heb gemaakt. Hopelijk zouden ze me dan in Los Angeles opmerken en kon het mijn toegangsticket worden voor Los Angeles en de filmbusiness. Zonder evenwel m’n eigen integriteit te verliezen, maar uiteindelijk is het een business waarin je terechtkomt en indien je een film maakt waarvan je wil dat hij op grote schaal wordt vertoond, dan moeten al die kosten ook worden gerecupereerd. Dat is een zekerheid die de studio’s nastreven, dus ik had mijn eigen experimentele filmtaal, die lichtjes Europees getint was, en wilde het gedrag van filmpersonages verder uitdiepen, want dat boeide me enorm aan een film: de personages, hoe ze zich gedragen, waarom ze zich zo gedragen en welke indruk ze op jou als kijker achterlaten, the sound of truth, weet je. Zo kwam ik stilaan tot het besef en het inzicht van wat je precies nodig hebt om een goede genrefilm te maken. Vanuit die achtergrond is “The Texas Chain Saw Massacre” tot stand gekomen.

Je hebt heel wat van je films niet enkel geregisseerd, maar je werkte ook als producer, editor, je schreef mee aan de score en het scenario. Heeft dat je ook echt geholpen?

Heel zeker. Ik wilde en moest met al die zaken vertrouwd zijn, want als ik bijvoorbeeld een reclamespot voor TV maakte, zijn al die skills zeer handig als je ze onder de knie hebt. Het was gemakkelijk om niet altijd te moeten terugvallen op een editor, een cameraman of een componist. Ik deed zulks reeds als jonge snaak, van toen ik de 8mm camera van mijn ouders voor het eerst in mijn handen kreeg. Als ik van school thuiskwam, nam ik die camera en begon te filmen. Het was voor mij toen bijna dagelijkse kost: ik filmde, dan volgde het knippen en plakken, en maakte zo mijn eerste eigen filmpjes. Als opgroeiende tiener leerde ik in de plaatselijke bibliotheek nadien publicaties als American Cinematography en Sight and Sound kennen, dat was voor mij helemaal het einde. Er bestonden toen overigens nog niet zoveel filmtijdschriften over film of hoe je een film moest maken. Dus ja, het was voor mij een voordeel om met film in al zijn facetten zo goed mogelijk vertrouwd te zijn.

Ook toen je in Hollywood, vooral in de jaren 80, dure studiofilms maakte?

Jawel, want ik blijf altijd bij een film totdat hij helemaal klaar is, en ben dus ook altijd nauw betrokken bij de post-productie. In de tijd van de oude studio’s gebeurde het vaak dat een regisseur zijn film maakte en hem na de opnamen overdroeg aan het team van de post-productie, terwijl hij meteen begon aan zijn volgende opdracht, zijn volgende film. Maar, zoals ik eerder al zei, ik had van bij het begin een zekere affiniteit met de Europese cinema waar de regisseur vaak als auteur werd beschouwd en hij veel controle had over zijn film: de regisseur stond in de spotlights. In de dagen van Frank Capra hoorde vooral bij de topregisseurs in Hollywood een zekere elitaire status. Toen ik in Hollywood arriveerde, was het de periode van a film by met de naam van de regisseur above the title en dat vond ik een goede zaak. Het sloot aan bij mijn visie, ofschoon ik liever films had gemaakt vóórdat ik was geboren.

Heb je zo’n grote bewondering voor al je voorgangers uit de tijd van de zwart-wit films?

Absoluut. In de States hebben we een TV-zender die de klok rond oude films vertoont: Turner Classic Films, en we hebben we ook Time Warner met zijn talloze kanalen, veel VOD, enz. Het aanbod is haast eindeloos en grandioos.

In welke mate hebben die vroegere regisseurs je, al dan niet bewust, aangezet om zelf regisseur te worden?

Ik ben echt opgegroeid met films. Mijn vader was gék op film, hij nam me voortdurend mee naar de bioscoop. Voetbal of sport interesseerde me totaal niet, ik nam zijn passie gewoon over en bracht dus ook enorm veel tijd door in de cinema. Ik heb, bij wijze van spreken, tot mijn vijfentwintigste bijna elke dag een film gezien, soms twee of drie films per dag. Toen ik mijn eerste eigen auto had, trok ik naar de drive-in, want daar had je vaak B en C-films, van die echte throwaways, niemendalletjes zeg maar, die waren op z’n minst even leerrijk omdat je zag hoe je het niét moest doen. Dus film is altijd mijn leven geweest, het was en is mijn manier van leven, en tot op heden is het moeilijk om een dag door te komen zonder een film te hebben gezien.

Hoe ben je destijds met “Poltergeist” terechtgekomen bij Steven Spielberg?

Ik kende Steven nog van toen ik voor het eerst in Los Angeles aankwam. Op een dag zei ik hem dat ik eens graag een ghost story wilde maken. Hij vond het een geweldig idee en toen ik “The Haunting” [1963] van Robert Wise ter sprake bracht en hem zei dat het altijd één van mijn favoriete films is geweest, bleek dat hij er ook altijd veel bewondering voor heeft gehad. We zaten meteen op dezelfde golflengte en zo is het allemaal begonnen.

Hoeveel van “Poltergeist” kunnen we aan jou toeschrijven? Want er is veel over gezegd en geschreven dat Spielberg ook heel wat van de film heeft geregisseerd.

Dat is begonnen met een artikel in The Los Angeles Times. De eerste twee weken draaiden we buitenopnamen, vooral van het huis van de familie. Ik was op een dag achterin de tuin aan het filmen met Oliver Robbins [de zoon van de familie uit de film], terwijl Steven de opnamen maakte met de race autootjes. The Los Angeles Times bracht toen een bezoek op de set en schreef nadien, ‘We weten niet precies wie de film uiteindelijk regisseert.’ Zo is het verhaal een eigen leven gaan leiden, en zo herinner ik het me: ik was de film aan het maken en nadat hij was afgewerkt, hoorde ik die verhalen. Maar “Poltergeist” heeft mijn carrière hoe dan ook een nieuwe impuls gegeven, waardoor ik opnieuw hoger kon mikken.

Offscreen Filmfestival, Brussel
12 maart 2015

De openingsscène van “Poltergeist” (1982)

FILMS

EGGSHELLS (1969) DIR – SCR – CAM Tobe Hooper PROD Tobe Hooper, David L. Ford, Raymond O’Leary ED Tobe Hooper, Robert Elkins CAST Ron Barnhart, Pamela Craig, Allen Danziger, Sharon Danziger, Mahlon Foreman, Boris Schnurr [Kim Henkel]

THE TEXAS CHAINSAW MASSACRE (1974) DIR – PROD Tobe Hooper SCR Tobe Hooper, Kim Henkel (verhaal van Tobe Hooper, Kim Henkel) CAM Daniel Pearl ED Sallye Richardson, Larry Carroll [J. Larry Carroll] MUS Tobe Hooper, Wayne Bell CAST Marilyn Burns, Gunnar Hansen, Edwin Neal, Allen Danziger, Paul A. Partain, William Vail

EATEN ALIVE, a.k.a. DEATH TRAP (1977) DIR Tobe Hooper PROD Alvin L. Fast, Mardi Rustam [Mohammed Rustam] SCR Mohammed Rustam, Alvin L. Fast (adaptatie van Kim Henkel) CAM Robert Caramico ED Michael Brown MUS Tobe Hooper, Wayne Bell CAST Neville Band, Mel Ferrer, Carolyn Jones, Marilyn Burns, William Finley, Stuart Whitman, Robert Englund

THE DARK (1979) DIR John ‘Bud’ Cardos, Tobe Hooper [zonder screen credit] PROD John ‘Bud’ Carlos, Dick Clark, Edward L. Montoro SCR Stanford Whitmore CAM John Morrill [John Arthur Morrill] ED Martin Dreffke MUS Roger Kellaway CAST William Devane, Cathy Lee Crosby, Richard Jaeckel, Keenan Wynn, Warren Kemmerling [Warren J. Kemmerling], Casey Casem, Vivian Blaine

THE FUNHOUSE (1981) DIR Tobe Hooper PROD Derek Power, Steven Bernhardt SCR Larry Block [Lawrence Block] CAM Andrew Laszlo ED Jack Hofstra MUS John Beal CAST Elizabeth Berridge, Cooper Huckabee, Miles Chapin, Largo Woodruff, Sylvia Miles, William Finley, Kevin Conway

VENOM (1981) DIR Piers Haggard, Tobe Hooper [zonder screen credit] PROD Martin Bregman SCR Robert Carrington (boek ‘Venom’ [1977] van Alan Scholefield) CAM Gilbert Taylor ED Michael Bradsell MUS Michael Kamen CAST Klaus Kinski, Oliver Reed, Nicol Williamson, Sarah Miles, Sterling Hayden, Cornelia Sharpe, Lance Holcomb, Susan George

POLTERGEIST (1982) DIR Tobe Hooper PROD Steven Spielberg, Frank Marshall SCR Steven Spielberg, Mark Victor, Michael Grais (verhaal van Steven Spielberg) CAM Matthew F. Leonetti ED Michael Kahn MUS Jerry Goldsmith CAST Craig T. Nelson, JoBeth Williams, Beatrice Straight, Dominique Dunne, Oliver Robbins, Heather O’Rourke, Zelda Rubinstein

LIFEFORCE (1985) DIR Tobe Hooper PROD Menahem Golan, Yoram Globus SCR Dan O’Bannon, Don Jakoby (boek ‘The Space Vampires’ [1976] van Colin Wilson) CAM Alan Hume ED John Grover MUS Henry Mancini CAST Steve Railsback, Frank Finlay, Peter Firth, Mathilda May, Patrick Stewart, Michael Gothard

INVADERS FROM MARS (1986) DIR Tobe Hooper PROD Menahem Golan, Yoram Globus SCR Dan O’Bannon, Don Jakoby (scenario INVADERS FROM MARS [1953] van Richard Blake) CAM Daniel Pearl ED Alain Jakubowicz MUS Christopher Young CAST Karen Black, Hunter Carson, Timothy Bottoms, Laraine Newman, James Karen, Louise Fletcher, Bud Cort, Jimmy Hunt

THE TEXAS CHAINSAW MASSACRE 2 (1986) DIR Tobe Hooper PROD Menahem Golan, Yoram Globus CO-PROD Tobe Hooper SCR L.M. Kit Carson CAM Richard Cooris ED Alain Jakubowicz MUS Tobe Hooper, Jerry Lambert CAST Dennis Hopper, Caroline Williams, Bill Johnson, Jim Siedow, Bill Moseley

SPONTANEOUS COMBUSTION (1990) DIR Tobe Hooper PROD Jim Rogers SCR Tobe Hooper, Howard Goldberg (verhaal, Tobe Hooper) CAM Levie Isaacks ED David Kern MUS Graeme Revell CAST Brad Dourif, Cynthia Bain, Jon Cypher, William Prince, Dey Young, Melinda Dillon, Dale Dye, Dick Butkus, John Landis, Tobe Hooper, André De Toth

NIGHT TERRORS (1993) DIR Tobe Hooper PROD Yoram Globus, Harry Alan Towers SCR Rom Globus, Daniel Matmor CAM Amnon Salomon ED Alain Jakubowicz MUS Dov Seltzer CAST Robert Englund, Chandra West, William Finley, Zoe Trilling, Alona Kimhi, Juliano Mer [Juliano Mer-Khamis]

THE MANGLER (1995) DIR Tobe Hooper PROD Anath Singh SCR Tobe Hooper, Stephen Brooks [Stephen David Brooks], Peter Welbeck [Harry Alan Towers] CAM Amnon Salomon ED David Heitner MUS Barrington Pheloung CAST Robert Englund, Ted Levine, Daniel Matmor, Jeremy Crutchley, Vanessa Pike, Demetre Phillips, Misa Morris, Vera Brackler

TOOLBOX MURDERS (2004) DIR Tobe Hooper PROD Tony DiDio, Gary LaPoten, Terence S. Potter, Jacqueline Quella SCR Jace Anderson, Adam Gierasch CAM Steve Yedlin ED Andrew Cohen MUS Joseph Conlan CAST Angela Bettis, Brent Roam, Marco Rodríguez, Rance Howard, Juliet Landau, Adam Gierasch, Greg Travis

MORTUARY (2005) DIR Tobe Hooper PROD Tony DiDio, Peter Katz, E.L. Katz SCR Jace Anderson, Adam Gierasch CAM Jaron Presant ED Andrew Cohen MUS Joseph Conlan CAST Dan Byrd, Denise Crosby, Rocky Marquette, Stephanie Patton, Alexander Adi, Courtney Peldon, Bug Hall, Adam Gierasch

DESTINY EXPRESS REDUX (2009) DIR – SCR Tobe Hooper PROD Eric Laughlin CAM Darren Allen CAST Claire Craft, Helen Leary, Theo Morrison

DJIN (2013) DIR Tobe Hooper PROD Tim Smythe, Daniela Tully SCR David Tully CAM Joel Ransom ED Andrew Cohen MUS BC Smith CAST Aiysha Hart, Razane Jammal, Ahd, Soumaya Akaaboune, Khalid Laith, Paul Luebke, Kristina Coker, Carol Abboud, Saoud Al Kaabi

TV-FILMS

SALEM’S LOT (1979) DIR Tobe Hooper PROD Richard Kobritz TELEPLAY Paul Monash (novel ‘Salem’s Lot’ [1978] by Stephen King) CAM Jules Brenner ED Tom Pryor, Carroll Sax MUS Harry Sukman CAST David Soul, James Mason, Lance Kerwin, Bonnie Bedelia, Lew Ayres, Julie Cobb, Elisha Cook [Elisha Cook, Jr.], George Dzundza, Ed Flanders, Geoffrey Lewis, Kenneth McMillan, Marie Windsor

I’M DANGEROUS TONIGHT (1990) DIR Tobe Hooper PROD – TELEPLAY Bruce Lansbury, Philip John Taylor (verhaal van Cornell Woolrich) CAM Levie Isaacks ED Carl Kress MUS Nicholas Pike CAST Anthony Perkins, Dee Wallace-Stone [Dee Wallace], Madchen Amick, Corey Parker, Daisy Hall, R. Lee Ermey, Natalie Schafer, Jason Brooks

BODY BAGS (1993) DIR Tobe Hooper (segment ‘Eye’), John Carpenter (segmenten ‘The Gas Station’, ‘Hair’) PROD Sandy King, Dan Angel SCR Billy Brown, Dan Angel CAM Gary Kibbe [Gary B. Kibbe] ED Edward A. Warschilka MUS John Carpenter, Jim Lang CAST [segment ‘Eye’] Mark Hamill, Twiggy, John Agar, Roger Corman, Charles Napier, Eddie Velez; [segment ‘The Morgue’] Tobe Hooper, John Carpeneter, Tom Arnold

THE APARTMENT COMPLEX (1999) DIR Tobe Hooper PROD Scott McAboy SCR Karl Schaefer CAM Jacques Haitkin ED Andy Horvitch MUS Mark Adler CAST Chad Lowe, Fay Masterson, Obba Babatundé, Patrick Warburton, Amanda Plummer, Ron Canada, Miguel Sandoval, Tyra Banks

SHADOW REALM (2002) DIR Tobe Hooper (segment ‘The Maze’), Keith Gordon (segment ‘Patterns’), Paul Shapiro (segment ‘Harmony’), Ian Toynton (segment ‘Voices’) PROD Robert Petrovicz SCR Damian Kindler, Will Dixon (segment ‘Voices’); Jose Rivera, Steve Aspis, Philip Levens (segmenten ‘’The Maze’, ‘Patterns’, ‘Harmony’) CAM Andreas Poulsson ED Ken Bornstein, Michael Russo, Robert L. Sinise MUS George S. Clinton CAST Malcolm McDowell, Miguel Ferrer, Amanda Plummer, Shirley Knight, Anna Hagen, Giacomo Baessato

Dit interview werd in maart 2015 reeds gepubliceerd op de website van Filmmagie.