Edouard Bergeon: “Voor ‘Au nom de la terre’ was het belangrijk om een coherente cast samen te stellen”

Toen Christian Bergeon op 29 maart 1999 neerviel in de armen van zijn zoon Edouard en overleed door zich van het leven te beroven, was hij de zoveelste Franse landbouwer die tot het einde had gevochten en alles had gegeven om zijn boerderij te behouden, ondanks de ene crisis na de andere in de landbouwsector. Terwijl de schulden zich opstapelden en hij de uitputting nabij was, ging hij er langzaam ten onder (wie vragen heeft over zelfdoding, kan altijd terecht op het gratis telefoonnummer 1813 of op de website zelfmoord1813.be).

Twintig jaar later komt onder regie van Edouard Bergeon zelf “Au nom de la terre” uit met in de hoofdrollen met Guillaume Canet en Veerle Baetens, en Bergeon grijpt terug naar zijn jeugdjaren door de film te baseren op zijn eigen verhaal, zijn eigen familiesaga, met Guillaume Canet en Veerle Baetens als het landbouwerskoppel, als zijn ouders dus.

En zo benadrukt de film meteen een schrijnend probleem in de landbouwsector: elke dag stapt immers een Franse landbouwer uit het leven—elke dag. Maar de boodschap die Bergeon met “Au nom de la terre” wil brengen, valt duidelijk en gelukkig niet in dovemansoren: hij werd ondertussen door de Franse president Macron uitgenodigd voor een vertoning van de film, gevolgd door een gesprek, en de “Au nom de la terre” wordt binnenkort vertoond op de Assemblée Nationale en in het Europees Parlement. De film opende in Frankrijk op 25 september en stond van bij dag één gans bovenaan de box office. Vanaf 9 oktober loopt de film in de Belgische zalen.

Hier volgt een gesprek met Edouard Bergeon dat vorige maand werd opgetekend tijdens het Filmfestival Oostende waar hij de film kwam voorstellen in het gezelschap van hoofdrolspeelster Veerle Baetens.

De toestand in de Franse landbouw is zeer ernstig, er is dus wel degelijk nood aan jouw film.

De situatie is er zeer gecompliceerd, maar dat is niet enkel in Frankrijk, in veel landen is de situatie vergelijkbaar. Je kan het zo stellen: in Frankrijk is er gisteren een landbouwer overleden, maar ook vandaag en ook morgen. Elke dag stapt er een landbouwer uit het leven. Ik had er eerder al een documentaire over gemaakt, “Les fils de la terre” [2012], over een landbouwer waarmee het niet goed meer ging. Daar had ik in grote lijnen het verhaal van mijn familie en van mijn vader in verwerkt. Het was een pakkende documentaire en producer Christophe Rossignon, die zelf uit een landbouwersfamilie komt, had de documentaire gezien. Hij was diep onder de indruk, hij nam contact met me op en van bij onze eerste ontmoeting was het duidelijk dat we op dezelfde golflengte zaten en we over dat onderwerp zeker een film wilden maken. Voor mij iets totaal nieuws—ik had nog nooit een fictiefilm gedraaid, nooit een scenario geschreven, nooit acteurs geregisseerd—want ik maakte uitsluitend documentaires. Ik vertelde echte verhalen met echte personages, dat was mijn stiel. Dus toen ik aan het script begon, wilde ik het liefst niet alleen schrijven: ik zag het niet zitten om een filmscenario gans alleen uit te schrijven, ook al was het de bedoeling om mijn eigen verhaal te vertellen. Het was zeer moeilijk voor me, op mentaal vlak was het een zeer zware opdracht, en pas nadat een tweede scenarioschrijver aan boord werd gehaald, konden we het script afwerken. De film vertelt deels wat ik heb meegemaakt, maar niet alles, dat kon ook niet. Dan zou het trouwens een documentaire worden. Maar hetgeen je in de film ziet en wat hij vertelt, dat is duidelijk genoeg, denk ik, je ziet wat een familie in die situatie allemaal meemaakt. En nu kan ik de film zien zonder emotioneel te breken. Hetgeen me nu vooral raakt, zijn reacties van mensen uit de landbouw die me vertellen wat zij meemaken, wat zij herkennen in de film. Dus “Au nom de la terre” is een weerspiegeling van de realiteit en vertelt het verhaal van veel Franse landbouwers: het systeem dat ervoor zorgt dat ze alle dagen meer en meer moeten werken om minder en minder over te houden.

Voor deze film had je allicht ook meer geld nodig dan voor het maken van een documentaire, neem ik aan. Was het gemakkelijk om je budget rond te krijgen?

Nee, maar producer Christophe Rossignon heeft meer dan veertig films gemaakt, waaronder heel wat topfilms, en zijn ervaring was enorm belangrijk. En wanneer je dan een acteur als Guillaume Canet aan je cast kan toevoegen, zet je nóg eens een enorme stap voorwaarts. Hij had ook de documentaire “Les fils de la terre” op televisie gezien en vroeg of ik er een speelfilm over wilde maken. Hij draaide toen een film voor Christophe Rossignon en vertelde hem, ‘Ik heb een ongelooflijke documentaire gezien, de maker ervan vertelde het verhaal van zijn vader. Als daar een film over wordt gemaakt, wil jij hem dan produceren? Want we kennen mekaar al lang, en jij kent de landbouwerswereld heel goed, je bent vertrouwd met hun problemen.’ En Christophe keek hem aan en zei, ‘Guillaume, het scenario is al geschreven en de maker van de documentaire gaat de film ook regisseren.’ Van zodra we Guillaume hadden, was het belangrijk om een coherente cast samen te stellen. Ik had een aantal namen van actrices opgeschreven voor de vrouwelijk hoofdrol, en ik kwam al vrij snel uit bij Veerle Baetens: een Nederlandstalige actrice, in Frankrijk, een film die zich afspeelt op een boerderij… ze was meteen akkoord. En de casting van de kinderen was ook enorm belangrijk.

Het zegt ook heel wat dat Guillaume Canet onlangs in een interview “Au nom de la terre” bestempelde als de belangrijkste film uit zijn carrière.

Ja, en als acteur heeft hij ongeveer zestig films gemaakt en hij heeft er zes geregisseerd. Toen we tijdens avant-premières in verschillende Franse steden de film gingen voorstellen, legde hij er steeds de nadruk op dat “Au nom de la terre” méér is dan enkel een film. Ik krijg op de sociale media ook enorm veel berichten van mensen die de film hebben gezien en diep onder de indruk zijn. Vandaar dat er iets moet veranderen om de landbouwers een duidelijk toekomstperspectief te bieden.

[De trailer van “Au nom de la terre”]

Je hebt een zeer passende titel, want de grond, de bodem—la terre—daar draait het allemaal  rond.

Weet je, we hadden veertig draaidagen, twintig vorig jaar in juli en twintig in januari, en zo konden we alle weersomstandigheden in beeld brengen: zon, regen, sneeuw, bijna alle seizoenen kwamen aan bod. Ook het landschap en de locatie van de boerderij sloten daar perfect bij aan. En la terre is in de film bijna een personage op zich: hij was er lang voordat wij er waren, hij is er ook wanneer wij er niet meer zullen zijn, het is werkelijk àlles voor ons, het is onze voedingsbodem. Alles wat we eten, wordt daar geproduceerd. De keuze van de boerderij was dus ook enorm belangrijk, en die zoektocht duurde veel langer dan de casting. Zes weken voordat we begonnen te draaien, had ik de geschikte boerderij gevonden. Met de juiste invalshoeken en de juiste belichting stelde ik me voor hoe het er allemaal in CinemaScope zou uitzien, of hoe het als een western in Wyoming kon worden opgenomen, dat beeld had ik in m’n achterhoofd. Een familiesaga tegen de achtergrond van een wijds landschap.

Beschouw je jezelf nu een regisseur?

Van documentaires [lacht]. Maar ik denk het wel, ja. Er wordt nu al enkele maanden aan een tweede film gewerkt en het fictiegenre zie ik helemaal zitten. En met mijn voorgeschiedenis als journalist en documentairemaker wil ik op die manier graag de focus behouden op sociale en actuele thema’s, zoals het klimaat of het milieu, dat spreekt me heel erg aan. De actualiteit, datgene wat de pers bezighoudt, is hetgeen me ook integreert.

Je bent begonnen met documentaires en maakt nu geëngageerde films, zo kom je in het vaarwater van de Dardenne broers.

Daar heb ik nog niet aan gedacht. Men heeft me de laatste tijd al wel enkele keren vergeleken met Ken Loach. Maar het heeft wel iets: in het tijdperk van Netflix een speelfilm maken en het publiek anderhalf uur proberen te boeien en te bekoren in een zaal, dàt is cinema. En dat hoop ik met “Au nom de la terre” te kunnen bereiken, zodat de mensen bewust gaan nadenken over hetgeen ze eten—dan denken ze meteen ook aan hun gezondheid. Daar draait het uiteindelijk allemaal om.

Filmfestival Oostende
8 september 2019

AU NOM DE LA TERRE (2019) DIR Edouard Bergeon PROD Christophe Rossignon, Philip Boëffard SCR Edouard Bergeon, Emmanuel Courcol, Bruno Ulmer CAM Eric Dumont MUS Thomas Dappelo CAST Guillaume Canet (Pierre Jarjeau), Veerle Baetens (Claire Jarjeau), Anthony Bajon (Thomas Jarjeau), Rufus (Jacques Jarjeau), Samir Guesmi (Mehdi), Yona Kervern (Emma Jarjeau), Solal Forte (Rémy), Raffin Melanie (Sarah), Emmanuel Courcol (Notaris)