Tim Mielants: “Het is belangrijk om te werken met een scenario waar je niet aan moet twijfelen”

Tim Mielants is een Vlaamse regisseur die voor het eerst van zich liet horen met elf afleveringen van “Code 37” (2011-2012), en de reeksen “Zingaburia” (2012-2013) en “Cordon” (2014). Zijn werk werd al snel opgepikt door Britse televisieproducenten die meteen aan zijn mouw trokken, wat resulteerde in een overstap naar o.m. de BBC waar hij tekende voor het derde seizoen van “Peaky Blinders” (2016), geschreven door Steven Knight.

De afgelopen jaren bleef Mielants als TV-regisseur vooral erg actief in Engeland, tot hij in de zomer van vorig jaar in de Ardennen zijn debuutfilm draaide, “De Patrick,” naar een eigen scenario, en met Kevin Janssens in de titelrol.

In de film woont het hoofdpersonage Patrick samen met zijn ouders op een naturistencamping. Wanneer zijn vader sterft, krijgt hij de leiding over de camping. Maar Patrick heeft andere zorgen: hij is al een tijdje zijn favoriete hamer kwijt. De vaste bewoners willen intussen dat hij iets met zijn leven doet, maar hij moet en zal zijn hamer terugvinden. “De Patrick” is een tragikomedie over de eigenaardigheden van de mens, over loslaten en blij zijn met wie je bent in een zoektocht naar authenticiteit en de streefdoelen die men vooropstelt. Mielants vertelt zijn verhaal met humor, maar weert ironie of cynisme.

Een ontmoeting en een gesprek met de man tijdens de persdag van “De Patrick” op de Antwerpse Linkeroever. De film loopt vanaf 28 augustus in de zalen.

Hoe kijk je terug op de film? Waarover gaat hij volgens jou en hoe zou je het personage van Patrick omschrijven?

Voor mij gaat de film over een man die op zoek is naar zijn favoriete hamer die hij kwijt is, en wanneer zijn vader sterft, wordt het meer een existentiële zoektocht naar zichzelf. Dat is wat de film probeert te communiceren. Het personage van Patrick is een man die tevreden is met wat hij heeft maar door de dood van zijn vader komen de grote vragen des levens op hem af en begint hij te twijfelen. Wanneer iemand in je omgeving komt te overlijden, begin je altijd te denken van, waarmee ben ik bezig, waar wil ik naartoe. En ik denk dat Patrick ontdekt dat hij blij is wie hij was, en dat er niets hoeft of moet. Hij droomt zijn eigen dromen, niet de dromen van anderen, en hij wordt zich bewust van, ‘Ik voel me goed zoals ik ben.’

Tim Mielants en een haast onherkenbare Kevin Janssens op de set van “De Patrick.” Foto: Savage Films

Is dat de grote uitdaging geweest door in het tijdperk van de Marvel-personages een totaal andere persoon te belichten in je film?

Wel, voor mij is hij ook een hero. Patrick is bij mij ontstaan toen ik in het middelbaar onderwijs zat. Ik had toen leraars die zeiden, ‘De enige manier om gelukkig te worden is door ambitieus te zijn, carrière te maken, en belangrijk te worden.’ Als student legt zoiets veel druk op de schouders, terwijl ik altijd veel bewondering had voor de klusjesman of degene die op het voetbalveld de witte lijnen trok, en die op een eenvoudige of bijna op een boeddhistische interpretatie van het leven gelukkig kon zijn. Voor mij waren dat helden omdat ze geen slaaf waren van de rat race, van de maatschappij. Daaruit is het personage van Patrick ontstaan en op een bepaald moment zag ik deze mensen terug in mijn leven. Vaak waren ze niet erg spraakzaam, soms wat teruggetrokken, maar ik vond hen boeiende mensen en ik dacht vaak, ‘Daar wil ik wel eens een film over maken.’

De hamer wordt uiteindelijk bijna een personage op zich en komt goed tot uiting in de structuur van het verhaal. Je ging duidelijk niet over één nacht ijs?

Nee, de film heeft heel lang gerijpt. En doordat er zoveel tijd over gegaan is, heeft hij ook verschillende stijlen. We wilden veel thema’s onderzoeken en de hamer is er pas in een later stadium bijgekomen. In het begin lag de focus op Patrick, hoe staat hij in het leven, hoe bekijken andere mensen hem, en van zodra die hamer mee in het verhaal kwam, volgden ook de vijf stadia van het rouwproces—wat toch wel centraal staat in de film—en die worden in zijn zoektocht naar de hamer onderzocht. Ze worden niet uitgelegd, maar onbewust komen ze wel aan bod. Eerst denk je, ‘Ik zal die hamer wel terugvinden,’ en dan komt de woede die je ook in een rouwproces hebt, en de paranoia van ‘Iemand moet hem hier toch hebben weggenomen.’ Dan kom je in een depressie, van ‘Ik zal hem nooit meer terugvinden.’ Zo hebben we de structuur van de zoektocht naar die hamer gekoppeld aan de verschillende stadia van het rouwproces. Maar we hebben dat er niet vingerdik bovenop willen leggen, we wilden het eerder onbewust mee in het verhaal opnemen.

Je zei daarnet dat het lang heeft geduurd voordat de film er is gekomen. Hoe zit het met het schrijven van het scenario, ben je een snelle schrijver?

Ik was blij toen het klaar was. Benjamin Springer heeft het mee geschreven, het was als een pinpongspel. Van alle fases in het filmproces is het schrijven het allerbelangrijkste, maar ook het minst aangename. Je wordt voortdurend geconfronteerd met hoe slecht je bent of hoe oninteressant het is [lacht]. Het is voor mij een zwaar gevecht. Misschien ben ik te kritisch voor mezelf of heb ik geen aangeboren schrijftalent, maar voel ik wel de noodzaak om te schrijven. Ik heb een waanzinnige bewondering voor mensen die scenario’s zo uit hun mouw kunnen schudden. Ik heb er eens met Steven Knight over gesproken [bedenker en scenarist van Mielants’ “Peaky Blinders”], en ik vroeg hem hoe hij al zijn scenario’s, het ene na het andere, aan de lopende band en tegen een hels tempo kon schrijven, en hij gaf me een zeer goede tip: je moet zorgen dat je het leuk vindt. ‘Als je iets hebt geschreven en je leest het na, moet je denken, wow, wat zou er nu kunnen of moeten gebeuren?’ En dat is inderdaad zo. Ik heb die klik gemaakt en dat heeft me heel erg geholpen.

Steven Knight, veelschrijver en bedenker van “Peaky Blinders,” scenarist van o.m. “Allied” (2016) met Brad Pitt en Marion Cotillard, en regisseur van “Serenity” (2019) met Matthew McConaughey en Anne Hathaway. Foto: © Leo/Film Talk

Heeft je werkervaring in het buitenland je gestimuleerd om “De Patrick” te maken?

Je leert altijd uit je eigen fouten, en door veel te werken kun je jezelf als regisseur ontdekken: je hebt een bepaalde manier van werken ontwikkeld die je niet meer moet zoeken terwijl je je film aan het draaien bent. En onbewust ben je ook beïnvloed door andere scenarioschrijvers en regisseurs. Het is ook heel belangrijk om te weten hoe het aanvoelt om met een scenario te kunnen werken waar je niet aan moet twijfelen. Vele waters doorzwommen en vele obstakels overwonnen, dat helpt altijd bij het maken van dit soort film.

Wat bedoel je met ‘je eigen fouten’? Want als je kijkt naar “Code 37” of “Cordon,” die reeksen zijn zó professioneel en van zulk een hoogstaand internationaal niveau dat er totaal geen fouten te bespeuren zijn.

De fouten die je maakt, kan je er tijdens de montage meestal wel uithalen, maar je hebt ze wel gezién. Voor “Code 37” gaat veel lof en dank naar Jakob Verbruggen die de reeks heeft opgestart. Ik ben dan in zijn kielzog gekomen. Maar die serie was voor mij dé perfecte leerschool om heel veel te draaien op heel korte tijd: het was een waanzinnige training om de ambacht onder de knie te krijgen. Dat heeft mij enorm geholpen bij het vervolg van mijn carrière.

Hoe verliepen de opnamen van “De Patrick”? Waren er bijvoorbeeld draaidagen die om technische redenen uitliepen?

Nee niet echt, en we hebben bovendien heel veel geluk gehad met het weer. Dus de opnamen verliepen relatief vlot. Ik weet hoe belangrijk ‘tijd’ is wanneer je aan het opnemen bent, dus ik had voldoende draaidagen voorzien want er loopt altijd wel iets mis, en in dat geval konden we het opvangen. Maar het was uiteindelijk een redelijk rustige manier van werken.

Regisseur Tim Mielants. Foto: Savage Films

Was het gemakkelijk om een geschikte locatie te vinden?

Nee, het was moeilijk om de juiste bossen te vinden en de nodige vergunningen te krijgen. En in de Ardennen heb je het jachtseizoen, dan mag je de zwijnen niet wakker maken [lacht], dus het was redelijk moeilijk om de juiste plekken te vinden die het visuele karakter van de film voldoende konden ondersteunen. We hadden gehoopt heel de film te kunnen opnemen op één plek, maar die hebben we niet gevonden. We moesten voortdurend naar een andere locatie. In totaal hadden we drieëndertig draaidagen, dat was rustig en goed werken. We hadden ook het gevoel om met dit soort film niet alles te rushen, je moest het tijd geven. Er is in de film niet zoveel dialoog als in veel andere films, maar we moesten rekening houden met een soort gedachtegoed om naar de dingen te kijken—de lege plek van die hamer, bijvoorbeeld—dus moesten we een bepaalde manier zoeken hoe je naar iets kijkt.

Je bent een gepassioneerd filmmaker, hoe kijk je nu naar het medium televisie? Er was ooit een tijd dat er op werd neergekeken, het was ‘maar’ televisie zei men toen, maar die tijden zijn gelukkig al lang voorbij.

Wat ik interessant vind aan televisie, zeker met reeksen als “The Sopranos” [1999-2007] en “Wired” [2008], die zijn niet noodzakelijk een slaaf van high concept storytelling. Ze hadden meer tijd om de relaties tussen de personages onderling uit te diepen, een beetje alsof de Nouvelle Vague plots was teruggekomen. David Fincher heeft een daarop goede visie wanneer hij zegt, ‘Film is een popsong, er is niet veel tijd en alles moet kloppen. Maar reeksen, die zijn als een opera en je kan al eens aan aria zingen van twintig minuten.’ In de loop der jaren is dat in film een beetje verloren geraakt, dat men voldoende tijd kon nemen om het een beetje te rekken. En ik denk dat er zich nu een interessante wisselwerking voltrekt met televisie dat de Nouvelle Vague terugbrengt die dan op zijn beurt opnieuw kan worden opgepikt door film, nadat het daar in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw een beetje is verdwenen en nadien vooral nog in art house cinema aan bod kwam. Het is een interessante interactie tussen film en televisie, en hoe ze mekaar beïnvloeden. David Lynch zegt daarover, ‘Échte art house vind je nu op televisie, en veel minder in film.’ Maar zo kan het dan misschien toch nog zijn weg naar film terugvinden.

Antwerpen
4 juli 2019

[De trailer van “De Patrick”]

FILM

DE PATRICK (2019) DIR Tim Mielants PROD Bart Van Langendonck, Sarah Marks SCR Tim Mielants, Benjamin Sprengers CAM Frank van den Eeden ED Alain Dessauvage MUS Geert Hellings CAST Kevin Janssens, Pierre Bokma, Ariane van Vliet, Hannah Hoekstra, Jemaine Clement, Bouli Lanners, Josse De Pauw, Jan Bijvoet

TV-REEKSEN

SUPER8 (2009)
CODE 37 (2011-2012) – 11 afleveringen
ZINGABURIA (2012-2013) – 10 afleveringen
CORDON (2014) – 10 afleveringen
PROFESSOR T. (2015) – 2 afleveringen
THE TUNNEL (2016) – 2 afleveringen
PEAKY BLINDERS (2016) – 6 afleveringen
THE TERROR (2017-2018) – 4 afleveringen
LEGION (2017-2018) – 3 afleveringen