Michaël R. Roskam: “Met ‘Een Verkeerde Toekomst’ wilde ik een film maken rond het concept van spijt’

Ofschoon hij tot dusver slechts drie speelfilms heeft gemaakt, toch is filmregisseur en scenarioschrijver Michaël R. Roskam reeds een filmmonument tot ver in het buitenland. Hij was immers het creatieve brein en de drijvende kracht achter “Rundskop” (2011, Oscarnominatie in de categorie ‘Beste Niet-Engelstalige Film’), gevolgd door “The Drop” (2014) met Tom Hardy, Noomi Rapace en James Gandolfini, en “Le Fidèle” (2017)—tevens drie films met Matthias Schoenaerts in de hoofdrol.

Bij elke nieuwe uitdaging deinst hij er niet voor terug om uit de klassieke comfortzone te treden, en vanuit die optiek is zijn laatste film “Een Verkeerde Toekomst,” gesitueerd in 2043, dan ook geen echte verrassing wanneer een jonge vlogster (gespeeld door Romy Louise Lauwers) bij haar grootvader en voormalig politicus (rol voor Jan Decleir) en haar tante (Natali Broods) aanklopt om te weten hoe het komt dat het klimaatbeleid heeft gefaald.

De boodschap die de film, gemaakt in opdracht van 11.11.11, brengt, is welke erfenis politici willen (of zullen) nalaten. Enkele weken voor de verkiezingen van 26 mei is het klimaatdebat dan misschien wel naar achter verdrongen in de politieke agenda, maar niet in de hoofden van vele burgers, en zeker niet in de realiteit. Men hoopt daarom dat er snel een omschakeling komt, en met deze film willen ze de urgentie van het debat onder de aandacht blijven houden. Het moet samen worden aangepakt, internationale samenwerking is een noodzaak, en men hoopt dat de film een bijdrage kan leveren om de boodschap kracht bij te zetten.

“Een Verkeerde Toekomst” is zeker geen antipolitieke film, integendeel. Politici zijn immers nodig, maar tezelfdertijd mag staatsmanschap geen illusie zijn, net zoals politici die keuzes durven maken. In het kader van de manifestaties, tal van dossiers en onderzoeken die de afgelopen weken en maanden naar voren werden gebracht, zal Roskams kortfilm hopelijk de kans krijgen om de tand des tijds te kunnen doorstaan.

Toen ik als jonge snaak gepassioneerd raakte door film, gebeurde dat deels door de multigetalenteerde producer-regisseur Stanley Kramer. Hij was één van mijn onbetwiste filmhelden. Eén van zijn intussen vergeten meesterwerken is “On the Beach” (1959) met een riante cast bestaande uit o.m. Gregory Peck, Ava Gardner, Anthony Perkins en Fred Astaire (in zijn eerste dramatische rol), een film die wordt gedomineerd door een apocalyptisch doomsday-scenario als gevolg van een wereldwijd nucleair conflict, en het eindshot toont een verlaten straat waarover een banner is gespannen met de beklijvende boodschap ‘There is still time… brother.’ Daar heeft Roskam de mosterd in alle geval niet gehaald: zijn benadering en werkwijze zijn totaal verschillend, maar net als Stanley Kramer demonstreert hij andermaal zijn originaliteit, veelzijdigheid en creativiteit. Geen wonder dat in Hollywood, ook nu nog, een film als “Rundskop” nog altijd méér dan een belletje doet rinkelen als die titel ter sprake komt.

De sensibiliseringscampagne van 11.11.11, n.a.v. de komende verkiezingen, werd met “Een Verkeerde Toekomst” afgetrapt in Cinema Palace te Brussel met een persconferentie met Michaël R. Roskam, actrice Romy Louise Lauwers en Els Hertogen, adjunct-directeur van 11.11.11, gevolgd door one-on-one gesprekken.

Michael R. Roskam en Romy Louise Lauwers tijdens de persdag van “Een Verkeerde Toekomst.” Foto: © Leo/Film Talk

Hieronder alvast een neerslag van Roskams aandeel in de persconferentie, aangevuld door de one-on-one met hem na afloop; beide werden verweven tot één tekst.

Hoe wordt “Een Verkeerde Toekomst” verspreid? Via televisie of bioscoop?

Online vooral, en waar het kan ook in de zalen of op televisie. Online is de 21ste eeuwse distributie, zo gaat het razendsnel. De film is een onderdeel van een campagne van 11.11.11 en met hun hele ploeg hebben we als één grote groep die film kunnen maken. Allemaal pro bono, met veel goede wil en met veel zin. Al die mensen moeten we daarvoor van harte bedanken.

Hoe zijn ze met dit project bij jou terechtgekomen, en hoe heb je dit verhaal bedacht?

Toen ze mij in het begin contacteerden, moest ik het eerst even laten bezinken. Ik besef maar al te goed, ook instinctief, de urgentie van de klimaatproblematiek. Ik vind de wetenschappers die ons waarschuwen heel geloofwaardig. Maar om nu te stellen dat ik mezelf ook al beschouw als een klimaatactivist, dat is iets te ver. Daarvoor ben ik ook teveel zelf een deel van het probleem. Maar anderzijds kon ik dit niet laten liggen. Ik moest het alleen duidelijk maken voor mezelf waarom ik dit zou doen. Wat me na een tijdje frustreerde, was de hele discussie over het grote gelijk: je hebt de klimaatactivisten en de klimaatrealisten. En wie heeft er nu gelijk? Instinctmatig voel ik wel dat er een probleem is, maar anderzijds indien de klimaatrealisten gelijk hebben, zou me dat wel beter uitkomen—zoals voor heel veel mensen overal ter wereld. Je moet nu bijna kiezen tussen twee kampen. Dus moest ik iets meer doorslaggevende argumenten voor mezelf hebben om het engagement aan te gaan en mee in de publieke ruimte van het debat te stappen. Je moet immers voor jezelf goed weten waarom je dat doet. En toen dacht ik, aan welke kant wil ik staan als ze ongelijk hebben? Voor welke spijt ga ik tekenen? Die van de klimaatactivisten? Zij zeggen, ‘Het is als een chronische longontsteking en we moeten er iets aan doen.’ Of volgen we de andere versie, ‘Ja, het is maar een griepke. Even platte rust en het komt wel in orde.’ En stel nu dat de klimaatactivisten ongelijk hebben, waar gaan we dan uitkomen als we hun redenering volgen? Teveel schone lucht? Teveel windmolens? Minder energieverbruik? Ik denk niet dat we dan met grote problemen worden geconfronteerd. Maar omgekeerd, stel dat de klimaatrealisten ongelijk hebben, stel dat het tóch geen griep is, maar een ondertussen terminale longkanker, dan zitten we met een ernstig probleem. Je kan het vergelijken met een kind: als het een week lang moet hoesten, en de ene arts zegt, ‘Het is maar een griep,’ en een andere arts beweert bij hoog en laag, ‘Neenee, het is een longontsteking,’ dan ga ik niet wachten om te zien wie er gelijk heeft. Het is nu gewoon de vraag van, ‘Wie wil welke spijt op het einde van de rit?’ Dat gaf voor mij de doorslag en toen dacht ik, ‘Okee, ik ga ervoor.’ Want, nogmaals, ik ben een deel van het probleem. Ik eet graag een lekker stuk vlees, ik heb een hond en daar gaat elke week twee kilo vlees doorheen—ik ben zoals de gemiddelde Vlaming, denk ik. Maar als het dus betekent dat zo niet meer kan, dan ben ik bereid om mij daarbij neer te leggen, al was het maar om te toekomst van mijn zoon en zijn generatiegenoten niet te hypothekeren. De drang naar geruststelling van een politicus die zegt, ‘Maar het komt allemaal wel goed, maak jullie maar geen zorgen’ is het hetgeen je het liefste hoort. Da’s zoals de dokter die zegt, ‘Maar nee, je kind heeft niks, het is gezond.’ Maar dan denk je, who knows, wat als het dan tóch niet zo is. Toen was voor mij de kogel door de kerk en wilde ik de film maken rond het concept van spijt, dat was voor mij heel belangrijk. Het heeft me veel geholpen in mijn eigen redenering. Zo zijn we uitgekomen op dit verhaal waarin we een andere kant van de klimaatproblematiek willen tonen. Niet de apocalyptische toestanden met grote rampen, meer veeleer intiem: welk effect kan het hebben op mensen? Het meest in het oog springende was dan de campagne van 11.11.11 en waar politici spijt over hebben als ze terugblikken op hun carrière. Zo is het verhaal ontstaan. We hebben een warm en menselijk portret willen maken van personen die verkeerd waren, maar daarom zijn het geen verkeerde mensen. Ik hoop daarom dat de film bijdraagt aan een genuanceerdere manier van kijken.

Michaël R. Roskam: “Ik had drie generaties van de beste Belgische acteurs op de set.” Romy Louise Lauwers, bekend van o.m. “My First Highway” (2016) is de jongste uit het gezelschap. Foto: © Leo/Film Talk

De voormalige politicus [personage van Jan Decleir] wordt veroordeeld door een soort klimaatrechtbank. Vind je dat een strijdpunt dat zoiets er zou moeten komen indien de politiek geen beslissingen neemt, of zit dat eerder toevallig in het verhaal?

Niets is toevallig in cinema. Daarom precies heet de film “Een Verkeerde Toekomst.” In mijn ogen is het de meest genuanceerde en zachtste van alle worst case scenarios. Ik hóóp dat het een verkeerde toekomst is, die we niet op ons zien afkomen. Ik hoop dat eveneens voor al de politici die nog twijfelen, want stel als dit werkelijkheid wordt, dan vrees ik dat veel politici en parlementairen een advocaat onder de arm moeten nemen. Want pas op hé, over vier jaar zijn heel wat jongeren die nu aan het betogen zijn, stemgerechtigd. En mensen die misschien op termijn hun geduld verliezen, dan krijg je ook niet altijd de beste oplossing. Wat als op een bepaald moment door een grote groep nieuwkomers wordt beslist dat het klimaat, de vervuiling, en het beleid worden beschouwd als een misdaad tegen de menselijkheid, wat dan? Kan je dan zeggen, ‘Och, zo erg is het allemaal niet.’ In de jaren 30 zeiden ze ook, ‘Het zal wel meevallen…’

Romy Louise Lauwers als de vlogster in “Een Verkeerde Toekomst.” Foto: 11.11.11

Was jouw aanpak in overeenstemming met hetgeen 11.11.11 wilde tonen? Of mocht het voor hen misschien iets radicaler zijn?

Het wederzijds respect was enorm. Ik heb van bij het begin ook gezegd dat ik geen activist ben. Ik ben daar niet extreem in, en ik moet ook de geloofwaardigheid bewaren voor mezelf—wie ik ben. Ik kan moeilijk een activistische houding aannemen als ik dat zelf niet helemaal ben. En dat respect en dat begrip heb ik meteen gekregen van 11.11.11. Want uiteindelijk is het een film die ik regisseer, mijn reputatie hangt eraan vast, dus het moest wel kloppen. En tegelijkertijd moest het ook kloppen met hetgeen waarvoor 11.11.11 staat: zij spelen een heel belangrijke politieke en maatschappelijke rol versus ik als filmmaker slash kunstenaar die op een heel andere manier in dat debat sta. Dit is ook de eerste keer dat mij zo engageer in iets, maar het is een fictieverhaal, dus mijn manier om een verhaal te brengen over heel die klimaatproblematiek. Het is een verhaal over, wat als?

Wanneer heb je je voor het eerst gerealiseerd dat we moeten uitkijken met het klimaat?

Ik herinner me dat ik als twaalfjarige een T-shirt van Greenpeace had gekocht met daarop ‘No Time to Waste.’ Ze hadden het niet eens op kindermaat, dus dat kwam bij tot op mijn knieën. Nu, vierendertig jaar later, heb ik dat T-shirt nog altijd. Toen dacht ik van, ‘Allez, is dat nu echt zo moeilijk?’ En na al die jaren merk je dan dat er elk jaar een ‘maar’ bijkomt. ‘Ja maar… ja maar…’ En nu met deze film dacht ik aan de tijd dat ik nog kon denken van, ‘Het is toch simpel?’ En eigenlijk is het simpel: het gaat enkel over gewoonten. Een gewoonte wordt wet. Soms moet je een paar gewoonten afschaffen, en dan volgen de wetten vanzelf, hoop ik. Want als het nu een wet is van ‘het mag,’ dan kan er toch ook een wet komen die zegt ‘het mag niet.’

Volgens de film doet de politiek niet genoeg, en over het bewustzijn van de bevolking lijk je eerder tevreden, hoewel ik niet weet of dat het juiste woord is. Mogen we het zo stellen?

Ik weet het niet. Als ik het puur theoretisch bekijk, politici zijn vertegenwoordigers van het volk. Dus als het volk zegt, ‘Dit is wat wij willen,’ dan is het ook verantwoordelijkheid van de politici. We wonen in een samenleving, uiteindelijk moeten we het samen doen, we moeten samen oversteken. Politici kunnen zeggen, ‘Het volk doet niet mee,’ en het volk kan zeggen, ‘De politici doen niets.’ Neenee, we moeten samen oversteken, en je mag dat letterlijk nemen, zoals een ferryboot die oversteekt. Samen op de boot.

Als gereputeerd filmmaker, was het gemakkelijk om al je creativiteit en energie te bundelen in een kortfilm van twaalf minuten?

Het is een beperking waardoor je creatiever wordt. Vrijheid daarentegen zorgt er vaak voor dat het te gemakkelijk wordt. Je behoudt beter je focus als er beperkingen zijn, dus ik had er zeker geen problemen mee. Het maken van een kortfilm is een totaal verschillend proces dan bij een speelfilm, maar ik had in het verleden al vier kortfilms gemaakt en was er dus al mee vertrouwd. En ik ben tevreden met deze film die hopelijk een politieke en maatschappelijke impact kan hebben.

Hoe zag het opnameschema eruit?

Heel krap, want we hebben alles in één dag opgenomen, van zes uur ’s morgens tot negen uur ’s avonds. Vijftien uur. Maar we hadden een goed scenario en vooraf had ik het met elke acteur doorgenomen, we hadden alle accenten besproken, en bovendien ken ik cameraman Nicolas Karakatsanis zeer goed. We hadden één enkele locatie, dus we moesten zeer creatief zijn. We hadden ook nog een second unit die een shot op een andere locatie maakte, maar dat was het. De kleine studio waar de jonge vrouw haar gesprek opneemt, was een kamer in de kelderverdieping die we extra moesten belichten, en zo hebben we de opnamen in één dag kunnen afwerken. Ik heb nooit zo snel gewerkt, maar we hadden geen keuze. En de cast en crew waren fantastisch: iedereen geloofde erin, het moest gewoon lukken. Dus iedereen gefocust, gezonde tijdsdruk en geen stress. En de acteurs… met Jan Decleir, Natali Broods en Romy Louise Lauwers had ik drie generaties van de beste Belgische acteurs op de set. Het was alsof we vlogen, zo heb ik het nog nooit aangevoeld.

Hoe ben je bij hen terechtgekomen?

Heel eenvoudig: ik had hen gecontacteerd en hen het scenario bezorgd. Dat was het. Misschien heeft mijn track record ook geholpen om hen het nodige vertrouwen te geven dat we dit delicate thema op een respectvolle manier zouden behandelen.

Was het gemakkelijk om in het scenario deze perfecte balans te vinden en niet te ver over te hellen naar de zijde van de klimaatactivisten enerzijds of de klimaatrealisten anderzijds?

Die juiste balans is altijd zeer een verraderlijke evenwichtsoefening. Maar hier viel het nog mee, omdat het een kortfilm was die een passage uit het leven van de personages belicht. Het is geen whodunit, maar wel een fictieverhaal over een jonge vrouw die een vlog maakt over haar familie en waar alles bespreekbaar is. En dan krijg je heel herkenbare situaties, zoals een interview afnemen van iemand over dertig jaar zal nog altijd hetzelfde zijn als nu, het gevoel van spijt is hetzelfde, zulke dingen gaven me de kans om er intiem en genuanceerd mee om te springen. De politicus is hier niet de slechterik, het basisgegeven is gewoon, ‘Je hebt gelijk, ik had dit of dat moeten doen.’ Vandaar de titel “Een Verkeerde Toekomst” en ik hoop enkel maar dat het de verkeerde is. En daarom wordt het tijd dat we een duidelijk standpunt innemen. Nogmaals, wat mij stoort is de tegenstelling van ‘het grote gelijk’ tussen de klimaatactivisten enerzijds en de realisten anderzijds. Dat was voor mij reden genoeg om de klimaatproblematiek anders te bekijken en te stellen, ‘Aan welke zijde wil ik staan als één van beide partijen ongelijk krijgt?’

Cinema Palace, Brussel
2 mei 2019

[De kortfilm “Een Verkeerde Toekomst”]

RUNDSKOP (2011) DIR – SCR Michaël R. Roskam PROD Bert Van Langendonck CAM Nicolas Karakatsanis ED Alain Dessauvage MUS Raf Keunen CAST Matthias Schoenaerts, Jeroen Perceval, Jeanne Dandoy, Barbara Sarafian, Tibo Vandenborre, Frank Lammers, Sam Louwyck, Baudoin Wolwertz

THE DROP (2014) DIR Michaël R. Roskam PROD Mike Larocca, Peter Chernin, Dylan Clark SCR Dennis Lehane (also short story ‘Animal Rescue’) CAM Nicolas Karakatsanis ED Christopher Tellefsen MUS Raf Keunen, Marco Beltrami CAST Tom Hardy, Noomi Rapace, James Gandolfini, Matthias Schoenbaerts, John Ortiz, Elizabeth Rodriguez, Michael Aronov

LE FIDÈLE (2017) DIR Michaël R. Roskam PROD Bart Van Langendonck, Pierre-Ange Le Pogam SCR Michaël R. Roskam, Noé Debré, Thomas Bidegain CAM Nicolas Karakatsanis ED Alain Dessauvage MUS Raf Keunen CAST Matthias Schoenaerts, Adèle Exarchopoulos, Eric De Staercke, Jean-Benoît Ugeux, Nabil Missoumi, Thomas Coumans, Nathalie Van Tongelen, Sam Louwyck