Dominik Moll (geb. 1962) is een Frans-Duitse filmregisseur en scenarioschrijver die met zijn debuutfilm “Harry, un ami qui vous veut du bien” (2000) direct internationale aandacht kreeg. Deze psychologische thriller combineerde de spanning van Hitchcock met ironische gevoeligheden. De film werd geprezen door de critici en won in Frankrijk twee Césars, waaronder die voor Beste Regisseur—Moll’s eerste van vier Césars, aangezien hij er nadien ook nog drie won voor de zeer succesvolle misdaadfilm “La nuit du 12” (2022, voor Beste Film, Beste Regisseur, Beste Scenario).
“Harry, un ami qui vous veut du bien” zette hem meteen op de kaart als een filmregisseur die meeslepende verhalen wist te vertellen. De spanning die hij kon creëren, niet door spektakel maar door de klemtoon te leggen op de sfeer en subtiele karakterdynamiek, werd zijn handelsmerk en loopt als een rode draad doorheen zijn hele oeuvre.
Zijn lijst van filmcredits is vrij beperkt, omdat hij ruim de tijd neemt voordat hij zich stort op een nieuwe, waardevolle en, zoals men in het Engels mooi kan verwoorden, character-driven film. En keer op keer is het een schot in de roos. Dominik Moll is de beste Hollywoodregisseur in de Franse filmwereld, om vele en voor de hand liggende redenen. Niet enkel omdat zijn films een wereldwijd publiek aanspreken; hij daagt ook zijn kijkers voortdurend uit om àchter zijn personages te kijken. Met een carrière die gekenmerkt wordt door zijn nauwgezette vertelkunst en een onverschrokken blik op de psychologische diepgang van zijn personages—zonder het commerciële aspect van zijn films uit het oog te verliezen—toont hij met zijn portie world cinema dat er geen grenzen zijn aan de kracht van zijn films en het maken van films in het algemeen. Hij is één van de beste filmambassadeurs die je kan vinden om zijn vak te promoten.
Na zijn laatste films “Seules les bêtes” (2021), een boeiende en spannende whodunit met een ogenschijnlijk simpele plot, gevolgd door het intrigerende en zeer verdienstelijke “La nuit du 12” (2022), waar twee Franse rechercheurs zich stukbijten bij het oplossen van de moord op een jonge vrouw, was het halsreikend uitkijken naar zijn nieuwste film, ”Dossier 137,” die zich afspeelt in Parijs tijdens de protesten van de gilets jaunes in 2018.
Het hoofdpersonage in de film is Stéphanie Bertrand (gespeeld door Léa Drucker); ze is een IGPN-agente—IGPN is de afkorting van Inspection générale de la Police nationale, in België is dat Comité P—en onderzoekt een jonge demonstrant, Guillaume Girard (gespeeld door Côme Péronnet), die ernstig gewond raakte door een flash-ball tijdens een turbulente demonstratie in Parijs. Voor Stéphanie lijkt het aanvankelijk een routineklus, maar het wordt persoonlijk wanneer ze ontdekt dat het slachtoffer ook uit haar geboorteplaats komt, wat haar nog meer aanzet om de waarheid te achterhalen. De film schuwt gewelddadige demonstranten niet, maar de film legt de klemtoon op politiegeweld.
“Dossier 137” (2025, trailer)
“Dossier 137,” opgenomen van oktober tot december 2024 in Parijs en in de Franse regio Grand Est, ging tijdens het afgelopen Festival van Cannes in wereldpremière en groeide in minder dan geen tijd uit tot een favoriet in het festivalcircuit, zowel in Europa als in de rest van de wereld, van Indonesië en Thailand tot Argentinië en de V.S., waar hij warm werd onthaald op het San Diego International Film Festival en het AFI Fest, in hartje Hollywood.
Vorige week was Dominik Moll in Brussel om de release van “Dossier 137” te promoten. Tijdens zijn bezoek zaten we samen aan tafel, en het is altijd een plezier om met de man te praten over zijn werk en zijn nieuwste film die vanaf vanaf 26 november in de Belgische bioscopen te zien is en wordt verdeeld door Cinéart.
In “La nuit du 12” deed de politie een moordonderzoek, en nu in “Dossier 137,” onderzoekt de politie een zaak van politiegeweld. Is dat voor jou een logische stap?
Ja. In zekere zin wel, want toen ik aan “La nuit du 12” werkte, wilde ik dat bepaalde verhaal vertellen, dat moordonderzoek, en hoe de rechercheur geobsedeerd raakte door die zaak die hij maar niet kon oplossen. Tegelijkertijd raakte ik ook gefascineerd door de manier hoe een politieonderzoek gebeurt en wat het inhoudt—ook de bureaucratie en alles wat je normaal gesproken nooit in films te zien krijgt. Ik ben een grote fan van de documentaires van Frederick Wiseman, omdat hij dat allemaal onderzoekt. Hij toont hoe het eraan toegaat, hoe de interne structuur functioneert, hoe de hiërarchie daarbinnen werkt, of het nu een ziekenhuis, bij de politie, of in een psychiatrisch ziekenhuis is, of waar dan ook. Het is heel fascinerend om te zien hoe het daar reilt en zeilt. Hij vertelt alles in een documentaire, en ik probeer dat in een fictief verhaal te verwerken. Dus vanuit die invalshoek denk ik dat “Dossier 137” een logisch gevolg is van “La nuit du 12,” omdat de film het politieapparaat onder het vergrootglas legt, en nog meer omdat we ons echt in het hart ervan bevinden, daar waar de politie de politie onderzoekt.
Je doet je huiswerk altijd grondig. Hoe heb je je voorbereid op “Dossier 137”? Ben je bijvoorbeeld met de politie mee naar een demonstratie geweest om te zien hoe ze te werk gaan?
Ja. Ik heb verschillende dingen gedaan. De eerste vier maanden las ik ontzettend veel over onderzoek van journalisten die aan zaken van politiegeweld hadden gewerkt. Die waren heel gedetailleerd. Maar het allerbelangrijkste was misschien wel dat ik een paar dagen bij de IGPN kon doorbrengen en daar bij de rechercheurs was; ik kon observeren hoe ze werkten, en hoe ze politieagenten ondervroegen. Ik kon ook met hen praten en hen vragen stellen. Dat was heel belangrijk, maar ik ontmoette ook andere mensen, zoals advocaten die politieagenten verdedigen, advocaten die slachtoffers van politiegeweld verdedigen, en een gezin waarvan de zoon een schotwonde had opgelopen. Ik was ook bij de politie tijdens een demonstratie; ik droeg een helm met alles erop en eraan, en bleef de hele tijd bij hen. Het was boeiend om te zien hoe het er aan de andere kant aan toegaat, zodat ik een idee kreeg van hoe het voor hen was. Zo vergaarde ik veel materiaal om mee te werken, en vrijwel alles wat in de film gebeurt, heb ik gezien, gelezen of ik heb erover gesproken. En soms zit het ook in details, zoals toen één van de onderzoekers van de IGPN me op een gegeven moment vertelde dat het moeilijk is om getuigen te overhalen om te vertellen wat ze hadden gezien, want van zodra ze wisten dat het over de politie of politiegeweld ging, waren ze heel terughoudend. Ze waren bang dat ze problemen zouden krijgen, en dus vergt het veel psychologische skills om die getuigen zover te krijgen dat ze je ook vertrouwen. Of wanneer ze het gevoel hebben dat een buurman iets heeft gezien en hij wil het niet zeggen…
…zoals het kamermeisje in het luxehotel?
Precies. Ze zag iets, maar ze zegt, ‘Nee, ik heb niets gezien,’ en toch heeft Stéphanie door dat ze wel iets heeft gezien en gaat ze haar volgen. Videobeelden en foto’s zijn ook belangrijk bij dit soort onderzoeken. Dat merkte ik toen ik in de kantoren van de IGPN in Parijs was. Voor elk onderzoek naar politiegeweld tijdens demonstraties proberen ze video’s te vinden. Dat kunnen video’s zijn van camera’s op straat, of dingen die demonstranten met hun smartphone filmden, of journalisten die iets filmden—wat dan ook. Dus van bij de start, toen ik samen met Gilles Marchand aan het scenario begon, wisten we dat we het hele onderzoek rond die video’s moesten opbouwen; ze zouden Stéphanie in staat stellen om haar onderzoek te kunnen afronden. Al de tijd die ik investeerde in deze research en het praten met mensen was heel belangrijk, ook omdat er niets gekend was over de manier waarop de IGPN werkt. Ze zijn zeer terughoudend; er is nooit een film, boek of roman over hen verschenen. Daarom moest ik wel mijn eigen research doen.

Had je totale autonomie over je film, of moest je voor sommige zaken toestemming vragen?
Neen, het was vrij gemakkelijk, ook omdat ik “La nuit du 12” al had gemaakt. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken had die film gezien en ze wisten dat ik geen gevaarlijke anarchist was [lacht], en dat ik een film wilde maken over het werk van de politie. En ik had het geluk dat er een nieuwe baas voor de IGPN in Frankrijk werd aangesteld. Voor het eerst was het niet iemand van binnen het politiekorps, maar een officier van justitie. Ze wilde dat de IGPN meer transparant zou worden; ze vond het belangrijk dat mensen wisten wat ze deden en hoe ze werkten. Dus vond ze het een goed idee dat ik kwam kijken naar wat ze deden. En er werden geen voorwaarden gesteld. Ze vroegen me nooit om het scenario te lezen; ze vertrouwden me, en ik kon doen wat ik wilde.
De film stelt niet enkel vragen, maar er is ook het thema van het politiegeweld, waar de film over gaat. En aangezien dat we alle vormen van geweld veroordelen, wat nu?
In Frankrijk—en tegenwoordig vrijwel overal—is alles heel zwart-wit. Het is alsof je voor of tegen de politie bent, en er is niets daartussenin. Mensen proberen je heel gemakkelijk in een hokje te stoppen, en sociale media helpen je ook al niet om de complexiteit ervan te begrijpen. Ik wilde laten zien hoe politiegeweld kan ontstaan, in plaats van met de vinger te wijzen en te zeggen dat alle politieagenten gewelddadig zijn en slechte dingen doen. Het probleem is dat het voor politici onmogelijk lijkt om te erkennen dat er soms politiegeweld voorkomt. Het lijkt onmogelijk om zoiets simpels te zeggen; ze zijn bang dat de politievakbonden geschokt zullen zijn. Politici hebben de politie immers nodig om hen en hun regering te beschermen. En dus kunnen ze het zich niet veroorloven om de politie tegen hen op te zetten. Ze durven geen kritiek uiten, wat absurd is, want als je politieagenten die geweld plegen beschermt of excuses voor hen zoekt, help je niet al die andere politieagenten die hun werk wel correct doen. Dus ja, ik probeer vragen te stellen.
In al je films heb je die perfecte balans tussen spanning en momenten van lachen en plezier. Zo is er bijvoorbeeld die scène waar ze allemaal aan hun computer zitten en elkaar emails sturen, en dan zijn ze plots aan het bowlen en maken ze plezier. Bij eender welk verhaal dat je vertelt, is humor van goudwaarde, niet?
Ja, en ik vind dat leuk om te doen. Zelfs al is het onderwerp serieus, wil dat niet zeggen dat je niet mag lachen bij een scène die wat luchtiger of zelfs grappig is. Gilles en ik bouwen graag zulke momenten in, zoals de bowlingscène, of in het luxehotel, wanneer de rechercheur die met Stéphanie werkt vraagt, ‘Hoeveel kost zo’n kamer?’ Hij hoort dan dat die tweeduizend euro kost, en hij test het bed om te kijken of het comfortabel genoeg is. Achteraf weet je dan ook dat hij er een stuk zeep heeft meegenomen; dat zijn kleine momenten die je helpen om een personage te creëren. Je moet af en toe stoom kunnen aflaten. Dat is leuk om te doen; Gilles en ik doen dat op een heel natuurlijke manier.

Had je Léa Drucker in gedachten toen je het scenario schreef?
Niet toen ik begon met schrijven. Maar tijdens het schrijven dacht ik aan haar, en na een tijdje stelde ik me voor dat ze die rol ook zou spelen. Aan het eind hoorde ik haar stem terwijl ik haar dialoog schreef. Toen ik haar het scenario liet zien, zei ze meteen ja. Dat was een opluchting; ik kon me niemand anders voorstellen om dat personage te spelen. Dus het kwam geleidelijk aan tijdens het schrijven.
Hoe verloopt de casting van je hoofdrolspelers? Bel je hen gewoon op, of moet je via hun agents passeren?
Dat hangt ervan af. Ik had met Léa gewerkt aan “Des nouvelles du planète Mars” [2016]. We zagen elkaar sindsdien niet zo vaak, maar ik had nog wel haar telefoonnummer, dus ik belde haar op en we spraken af voor een kop koffie. Toen gaf ik haar ook het scenario. Drie uur later belde ze me en zei, ‘Ik wil het echt doen.’ Ze maakte het me heel gemakkelijk.
Je werkt vaak met dezelfde mensen, zoals je co-scenarist, je cameraman, je monteur en ook je production designer Emmanuelle Duplay. Ik las ooit een interview met Robert F. Boyle, een production designer die voor Alfred Hitchcock aan drie van zijn films werkte. Ze vroegen hem, ‘Wat doet een production designer precies?’ Waarop hij antwoordde, Well, the production designer is on the set, and if the director should drop dead suddenly, he steps over the dead body and finishes the film…’
…echt? Wauw! [Schaterlach.] Wel, mijn production designers zijn zelden op de set. Ze doen al het werk vóór de opnamen, zoals het bouwen van de sets, of het vinden van locaties en die aanpassen indien nodig, of wat dan ook. Ik heb met twee production designers gewerkt; we bereiden alles voor en we zoeken geschikte locaties. Voor “Dossier 137” was Emmanuelle Duplay mijn production designer, en zij was zelden op de set omdat ze altijd de volgende set aan het voorbereiden was. Dus stel dat ik op de set zou doodvallen, zij zou het niet per se zijn [lacht], maar de eerste assistent-regisseur zou het kunnen overnemen, of Gilles Marchand, die zelf ook regisseur is. Maar het is wel een interessant verhaal [lacht]; het is ook best grappig dat hij dat zei.
Brussel
27 november 2025
FILMS
INTIMITÉ (1994) DIR Dominik Moll PROD Vincent Dietschy, Bénédicte Mellac SCR Dominik Moll (short story by Jean-Paul Sartre) CAM Pierre Milon ED Thomas Bardinet MUS Franck Ash, Philippe Razol, Philippe Ours CAST Christine Brücher, Nathalie Krebs, François Chattot, Christian Izard, Hélène Roussel, Laure Werckmann
HARRY, UN AMI QUI VOUS VEUT DU BIEN (2000) DIR Dominik Moll PROD Michel Saint-Jean SCR Dominik Moll, Gilles Marchand (poem van Francis Villain) CAM Matthieu Poirot-Delpech ED Yannick Kergoat MUS David Whitaker CAST Laurent Lucas, Sergi López, Mathilde Seigner, Sophie Cuillemin, Liliane Rovère, Dominique Rozan, Michel Fau, Victoire de Koster
LEMMING (2005) DIR Dominik Moll PROD Michel Saint-Jean SCR Dominik Moll, Gilles Marchand CAM Jean-Marc Fabre ED Mike Fromentin MUS David Whitaker CAST Laurent Lucas, Charlotte Gainsbourg, Charlotte Rampling, André Dussollier, Jacques Bonnaffé, Véronique Affholder, Michel Cassagne
L’AUTRE MONDE (2010) DIR Gilles Marchand PROD Carole Scotta, Barbara Letellier, Caroline Benjo, Simon Arnal SCR Dominik Moll, Gilles Marchand CAM Céline Bozon ED Nelly Quettier MUS Emmanuel D’Orlando, Anthony Gonzalez CAST Louise Bourgoin, Grégore Leprince-Ringuet, Melvil Poupaud, Swann Arlaud, Pauline Etienne, Pierre Niney, Patrick Deschamps
LA MOINE (2011) DIR Dominik Moll PROD Michel Saint-Jean SCR Dominik Moll, Anne-Louise Trividic (boek van Matthew Lewis) CAM Patrick Blossier ED Sylvie Lager, François Gédigier MUS Alberto Iglesias CAST Vincent Cassel, Déborah François, Joséphine Japy, Sergi López, Catherine Mouchet, Jordi Dauder, Geraldine Chaplin, Roxane Duran
DES NOUVELLES DE LA PLANÈTE MARS (2016) DIR Dominick Moll PROD Michel Saint-Jean SCR Dominick Moll, Gilles Marchand CAM Jean-François Hensgens ED Margot Meynier MUS Adrian Johnston CAST François Damiens, Vincent Macaigne, Veerle Baetens, Jeanne Guittet, Tom Rivoire, Michel Aumont, Catherine Samie, Léa Drucker
DANS LA FORÊT (2016) DIR Gilles Marchand PROD Jérémie Elkaïm, Valérie Donzelli SCR Dominik Moll, Gilles Marchand CAM Jeanne Lapoirie ED Yann Dedet MUS Philippe Schoeller CAST Jérémie Elkaïm, Timothé Vom Dorp, Théo Van de Voorde, Mika Zimmerman, Mireille Perrier, Sophie Quinton, Kristell Bizien, Marite Mibalo Johansson
SEULES LES BÊTES (2019) DIR Dominik Moll PROD Carole Scotta, Barbara Letellier, Caroline Benjo, Simon Arnal SCR Dominik Moll, Gilles Marchand (boek van Colin Niel) CAM Patrick Ghiringhelli ED Laurent Rouan MUS Benedikt Schiefer CAST Denis Ménochet, Laure Calamy, Damien Bonnard, Nadia Tereszkiewicz, Bastien Bouillon, Valeria Bruni Tedeschi, Guy Roger ‘Bibisse’ N’Drim, Jenny Bellay
LA NUIT DU 12 (2022) DIR Dominik Moll PROD Caroline Benjo, Carole Scotta, Barbara Leteiller SCR Dominik Moll, Gilles Marchand CAM Patrick Ghiringhelli ED Laurent Rouan MUS Olivier Marguerit CAST Bastien Bouillon, Bouli Lanners, Anouk Grinberg, Pauline Serleys, Charline Paul, Matthieu Rozé, Lula Cotton-Frapier, Thibaut Evrard, Théo Cholbi, Mouna Soualem, Baptiste Perais, Nathalaël Beausivoir, Jules Porier, Benjamin Blanchy
DOSSIER 137 (2025) DIR Dominik Moll PROD Caroline Benjo, Barbara Letellier, Simon Arnal SCR Dominik Moll, Gilles Marchand CAM Patrick Ghiringhelli ED Laurent Rouan MUS Olivier Marguerit CAST Léa Drucker, Jonathan Thurnbull, Mathilde Roehrich, Stanislas Mehrar, Pascal Sangla, Claire Bodson, Julien Lilti, Florence Viala de la Comédie Française, Hélène Alexandridis, Solàn Machando-Graner