Titus De Voogdt: “Het werk van Peter Brosens en Jessica Woodworth is altijd nieuw en verrassend”

In zijn nieuwste film “The Barefoot Emperor” van regisseursduo Peter Brosens en Jessica Woodworth, het vervolg op “King of the Belgians” (2016), herneemt acteur Titus De Voogdt (geb. 1979) zijn rol van Carlos, de lakei van de koning, die wordt gespeeld door Peter Van den Begin. De andere hoofdrollen in de sequel worden vertolkt door o.m. Lucie Debay en Geraldine Chaplin (bovenste foto in gesprek met De Voogdt op de rode loper, bij de première van “The Barefoot Emperor” tijdens het afgelopen Film Fest Gent).

Als vertrouwd gezicht van film en televisie, en vooral van op de planken, is Titus De Voogdt een veelzijdige creatieveling die ook in “The Barefoot Emperor” een stevige voetafdruk achterlaat. Andere recente films waarin hij zich liet opmerken zijn o.m. “Welp” (2014), “Broer” (2016) aan de zijde van Koen De Bouw en Koen De Graeve en, zoals reeds gemeld, “King of the Belgians.” Ook in TV-reeksen als “De Twaalf” en “Beau Séjour 2” (binnenkort op televisie) speelt hij sleutelrollen.

[De trailer van “The Barefoot Emperor”]

Tijdens het Film Fest Gent in oktober werd “The Barefoot Emperor” aan het publiek voorgesteld en kon dit gesprek met Titus De Voodgt worden opgetekend.

“The Barefoot Emperor” loopt vanaf 4 maart in de Belgische zalen. Verdeler: Lumière.

Wat was voor jou de uitdaging om met “The Barefoot Emperor” de draad van je personage Carlos opnieuw op te nemen?

Er zijn meerdere redenen. Binnenin het verhaal staat Carlos ten dienste van de koning, en daarin probeer je een interessante lijn te vinden, al is het maar voor jezelf en om te weten, ‘Waar kom ik vandaan, waar ga ik naartoe, en wat betekenen al die indrukken?’ Dat bespreken we heel uitgebreid met Jessica en Peter, ook al resulteert het niet altijd in een scène. Maar als acteur heb je dat wel nodig, en het maakt je werk ook interessanter. Als mijn personage heel de tijd enkel naast de koning zou meelopen, zonder dat er op hem wordt gefocust, dan zouden het zes lange weken zijn. Maar als je weet dat je rol de meest rebelse is van de vier—hij heeft een neus om onraad te ruiken, hij probeert om zijn meester als een soort van samoerai te beschermen en uit hachelijke situaties te houden—dan kun je eenvoudige scènes anders invullen en wordt het als acteur ook heel zinvol om te doen wat je doet. En dat maakte het voor mij erg interessant om de rol van Carlos opnieuw te kunnen spelen.

Die gesprekken vooraf zijn voor jou van cruciaal belang?

Wel ja, ik vraag me dan bijvoorbeeld af, ‘Die Carlos, hoe komt het dat hij lakei is van de koning?’ Want eigenlijk heeft de koning elk jaar een nieuwe lakei—dat heet nu kamerheer, geloof ik—hij is degene die zorgt voor zijn kledij en zijn persoonlijke spullen, en hem begeleidt tijdens zijn reizen. Hij is als een reizende butler. Elk jaar wordt er door de Koninklijke Cadettenschool van het leger één iemand afgeleverd om die taak op zich te nemen, elk jaar een andere lakei. Dat weten we, dus ga ik ervan uit dat mijn personage een militaire achtergrond heeft. En in deze film, ook in de eerste trouwens, is deze assistent van de koning veel meer is dan enkel een lakei. De koning vraagt en apprecieert de mening van Carlos. Dan beeld je je in dat Carlos na het eerste jaar afscheid moet nemen van de koning, maar die zegt, ‘Nee, blijf maar aan,’ en dat is dan ondertussen al drie, vier jaar. Zo maak je voor jezelf een verhaal dat niet noodzakelijk in de film zit, maar je weet wel hoe je je relatie met de koning moet spelen en opbouwen, en je weet hoever je daarin kan gaan.

Lucie Debay, Geraldine Chaplin en Titus De Voogdt tijdens het Film Fest Gent bij de voorstelling van “The Barefoot Emperor.” Foto: © Leo/Film Talk

Is het voor jezelf ook interessant om niet te weten hoe het verhaal afloopt?

Natuurlijk, en zo is dat bij Peter en Jessica ook grotendeels. Er is wel een scenario, maar je kan het vergelijken met een beeldhouwwerk dat je gaat maken: je hebt een idee in je achterhoofd van wat je gaat doen, maar eens je drie kwart door het creatieve proces bent, ga je het misschien toch anders bekijken, of anders aanpakken. Zo doen zij dat ook met hun films: in de mate van het mogelijke werken we chronologisch en weten we eigenlijk niet echt hoe de film afloopt. Er zijn immers ook scènes in de film die niet in het scenario stonden, of wegens onvoorziene omstandigheden zijn er scènes die je niet kan draaien omdat het bijvoorbeeld slecht weer is en je moet iets anders bedenken. Het verhaal wordt dan aangepast volgens de creatieve impulsen van het moment. Zoiets overkomt je niet met andere films, dit is de eerste keer dat ik op deze manier werk. Maar het is bevrijdend en leuk om te spelen, want je weet inderdaad niet waar je naartoe gaat. Toen we de vorige film maakten [“King of the Belgians”], zei Jessica op een dag, ‘Ja, Peter en ik hebben eens goed nagedacht, en we zijn er bijna zeker van dat één van jullie personages tegen het einde van de film zal sterven, maar we zeggen nog niet wie.’ [Lacht.] Dan begin je automatisch te spelen in het ‘nu,’ in het moment, want je beseft dat een film maken iets is zoals het leven: het kan met je personage ook gedaan zijn, je weet niet wat er op je afkomt, dus je moet er ook niet teveel over nadenken van hoe je het gaat spelen.

Chronologisch draaien heeft ook wel een voordeel: je weet steeds waar je vandaan komt.

Absoluut. Als je bijvoorbeeld een serie draait, zoals “The Missing” [2014], “De Dag” [2018] of “Beau Séjour 2” [2020], dan draai je alles door elkaar, en soms heb je een scène die volgt op een belangrijke scène die nog gedraaid moet worden en waarvan je nog niet honderd procent zeker weet hoe je die gaat spelen of hoe je eruit zal komen. Dan is het altijd spannend, terwijl je dat niet hebt bij het chronologisch draaien. Maar goed, “The Barefoot Emperor” is ook niet helemaal chronologisch gedraaid, wel zo goed mogelijk, maar dat lukte niet helemaal. Bij de vorige was dat wel zo.

Vind je niet dat je een erg onderschat acteur bent?

Ik weet niet goed wat ik daarop moet zeggen, ik ga er altijd van uit—ook al ben ik al, of moet ik zeggen, nog maar veertig—dat ik wel het gevoel heb dat er nog heel veel mooie dingen kunnen komen, dat ik nog veel kan ontdekken en nog veel rollen kan spelen. Ik ben geen onbekende acteur, maar zeker ook geen bekende. Maar die mensen zijn ook niet altijd te benijden, want ze worden vaak geassocieerd met bepaalde personages die ze heel goed spelen en waar ze blijvend aan herinnerd worden door fans en de pers die er altijd op terugkomen. Ik weet niet of ik dat altijd zo leuk zou vinden, het lijkt me niet evident om dat van je af te schudden. Dat probleem stelt zich voorlopig bij mij niet, ik heb nog altijd de indruk dat ik mensen kan verrassen. Ik heb al heel vaak de slechterik moeten spelen, wat ik niet erg vind want dat zijn vaak leuke rollen, maar als je dan eens iets anders kan spelen, zoals in “De Twaalf” [2019]—daarin speel ik dan een ander soort slechterik—en dan hoor je de mensen zeggen, ‘Dat had ik niet verwacht,’ of ‘Dat was een verrassing, zo had ik je nog nooit zien spelen.’

Is het moeilijk om het publiek te verrassen en te blijven verrassen?

Het is niet zo gemakkelijk, want er zijn altijd tendensen in reeksen en in films, en die komen in golven van dezelfde soort. In die zin was ik heel blij en verrast toen Jessica en Peter me enkele jaren geleden vroegen of ik met hen wilde werken. Ik had tot mijn grote schaamte nog nooit één van hun films gezien; je gaat er dan naar kijken en het feit dat je daarin mag meespelen, het is alsof je heel je leven uit moeders keuken hebt gegeten en plots komt er iemand aanzetten met een Koreaans of een Thais gerecht. Of je het dan lekker vindt of niet, dat maakt niet uit, maar het werk van Peter en Jessica is altijd nieuw en verrassend, en je wil dat beter leren kennen. Dus ja, verrassen, da’s de key, je kan heel veel politieseries of films zien die over een moord gaan en de politieman moet het oplossen. Maar een heel origineel idee zoals bijvoorbeeld “Girl” [2018], daar valt je mond van open hé. Je komt in een wereld die je niet kent, waar je nog nooit echt over hebt nagedacht, en dat zijn vaak films die je meeneemt naar huis.

Kan je al iets zeggen over “Beau Séjour 2”?

Ja, want die persdag is al achter de rug. Het is geen vervolg, de cast is volledig nieuw, maar ze gaan wel verder op hetzelfde principe als in de eerste reeks. Iemand is dus overleden maar komt terug om bepaalde zaken af te handelen. Voor de eerste keer in mijn leven speel ik een politieagent, die is belast met de zaak. De regie is van Nathalie Basteyns en Kaat Beels, een productie van De Mensen, en het is heel plezant. Alles speelt zich af in Zeebrugge, op en rond de zee dus. Ik heb het gevoel dat we heel goeie dingen aan het maken zijn. Maar ja, ‘the proof of the pudding is in the eating,’ het publiek heeft altijd het laatste woord en dus moeten we afwachten om te weten of het ook zal werken.

Naast Peter Brosens en Jessica Woodworth is Nathalie Basteyns en Kaat Beels ook een enorm goed regisseursduo.

Ja, absoluut.

Wat mogen we nog verwachten?

“De Twaalf,” dat is al opgenomen [intussen ook al op VRT uitgezonden] en gaat over een volksjury die zich moet uitspreken over een moordzaak. Doorheen de serie leer je de jury beter kennen, en hun visie op de zaak, en hoe ze die zaak meenemen naar huis.

De filmploeg van “The Barefoot Emperor” op de trappen van Kinepolis Gent tijdens Film Fest Gent. Foto: © Leo/Film Talk

Je kan wel erg gemakkelijk switchen van hoofdrollen naar bijrollen en terug.

Ik weet niet meer precies van wie het citaat komt, maar er is een acteur die ooit heeft gezegd, ‘Er zijn geen kleine rollen, er zijn alleen kleine acteurs.’ Ik vind het niet erg om een kleine rol te spelen: het is natuurlijk altijd leuk om een hoofdrol te spelen, maar een rol is een rol. Soms gaat het zelfs zover dat regisseurs me bellen voor een kleine rol en zij excuseren zich dan. ‘Ja sorry, ik weet het, het is een kleine rol, maar ik wilde je toch bellen.’ Maar ik ben een acteur hé, ze mogen me altijd bellen als ze een rol hebben waarvan ze denken dat het iets is voor mij, zelfs al is het maar voor een dag, dat maakt mij niet uit. Tenzij het een figurantenrol is waarvoor ik geen tijd kan vrijmaken. Maar alles wat interessant is en wat me kan boeien, da’s allemaal goed. Soms heb je grote rollen die niet interessant zijn, en kleine rollen die heel interessant zijn. Ik zie dat ook op de set van “Beau Séjour 2”: daarin heb ik een grote rol, en dan komen er soms gastacteurs die doorheen de serie misschien maar enkele scènes hebben, ze draaien die allemaal op één dag, en dan denk je ‘s avonds, ‘Oh, dat was nen toffen dag. En die ene acteur die de lijkschouwer speelt, dat gaat goed worden, want dat zijn goeie scènes.’ Dat is ook de kracht van veel buitenlandse, en dan vooral Engelse en Amerikaanse producties: daar durven ze voor kleine rollen ook grote acteurs vragen. Daarmee zorg je dat alles van goeie kwaliteit is en dat het een goeie film of een sterke serie wordt.

Heb je ooit al gedacht aan het schrijven van scenario’s of regisseren?

Wel, tachtig procent van hetgeen ik doe, gebeurt in het theater, en mijn hele professionele leven doe ik niets anders dan theaterstukken mee schrijven en regisseren. Het zit zeker in mij, maar om nu meteen een film of een serie te regisseren, dat is iets waar ik nog niet aan heb gedacht. Los van het technische aspect waar je mee vertrouwd moet zijn, de decoupage en weten hoe je iets moet monteren, moet je ook een stevige basis filmkennis hebben, en de rol van de regisseur is veel meer dan enkel het regisseren op de set. Je moet je film bedenken, promoten, verkopen,… Ik weet niet of dat me ligt. Als ik ooit de stap zet, zou ik liever geleidelijk aan beginnen door eerst bijvoorbeeld een documentaire te maken over iets dat me interesseert. Dat is dan eerder iets vrijblijvend om te zien of het me lukt. Voorlopig heb ik het gevoel dat, wanneer ik op een set naast een regisseur sta die ik heel erg vertrouw en die streng kan zijn als het nodig is, dat ik goed kan spelen. Dat wil ik graag blijven doen.

Wat bedoel je met streng?

Ik vind het goed dat een regisseur initieel niet tevreden is. Wat ik leuk vind aan mijn beroep, is dat je een voorstel doet, in de zin van, ‘Ik zou het zo spelen,’ en de regisseur zegt dan, ‘Ja, okee, maar ik bekeek het eigenlijk zo.’ Heel je visie op die scène wordt dan in vraag gesteld en dan pas word je creatief. Je krijgt een nieuwe invalshoek waaraan je misschien niet eerder had gedacht. En met twee kom je altijd verder dan alleen, op voorwaarde dat er een goeie dialoog is. Als ik een idee heb, laat me er dan een uur over praten met iemand die er ook een bepaalde kijk op heeft, en zo wordt dat basisidee veel sneller uitgewerkt tot een beter idee. En bij het maken van een film of een TV-serie—als een regisseur, de acteurs, de technische crew, de producenten—als zij mekaar allemaal kunnen begeesteren en bijsturen, dan maak je een piramide waarvan de top hoger is dan wanneer je het alleen zou doen. Dus ze moeten niet ‘te vriendelijk’ zijn met mij, vind ik. Je maakt dat vaak mee als je bijvoorbeeld een kortfilm draait voor de Academie. Die gasten beginnen pas, ze vragen je en ze zijn heel blij dat je wil komen want ze hebben misschien nog nooit met een professionele acteur gewerkt. Als je dan de scène speelt zoals die in het scenario staat, zeggen ze op het einde, ‘Cut!’ Ze vinden het heel goed en gaan meteen naar de volgende scène. En dan zeg ik, ‘Ja maar, was dat okee of niet? Want je moet me zeggen als ik het niet goed doe hé.’ Ze moeten dat ook leren, dat ze durven zeggen van, ‘Ja, maar ik zag het anders.’ Als zij dat niet doen, dan blijf je bij het basisidee. Daarom moet je als regisseur je acteurs uitdagen, vind ik.

Bruno Georis, Geraldine Chaplin, Lucie Debay, Peter Van den Begin, Udo Kier en Titus De Voogdt in “The Barefoot Emperor.” Foto: Lumière.

Kun je je nog herinneren wanneer je besloot om acteur te worden?

Nee, want bij mij is dat heel geleidelijk aan gebeurd toen ik als kleine voor televisie al dingen begon te doen. Ik ben in Sint-Lucas opgeleid tot beeldhouwer, ik zat al in theater en ik bleef dat maar doen. Toen mensen me vroegen wat mijn beroep was, durfde ik niet zeggen dat ik acteur was omdat ik vond dat ik die titel niet waardig was. Ik stond voor mezelf nog op een kruispunt en wist niet precies welke richting ik zou uitgaan. ‘Ben ik als acteur wel goed, of goed genoeg? Gaan mensen me nog vragen?’ Pas toen ik ongeveer drieëntwintig was, denk ik, zei ik dat ik acteur was van beroep. Toen dacht ik dat ik het goed genoeg kon om mezelf acteur te mogen noemen.

Het is natuurlijk geen alledaags beroep.

Nee. Je moet zeker zelfvertrouwen hebben—of misschien net niet—maar er komt zeker een moment wanneer je in jezelf moet geloven. Je moet ervan overtuigd zijn wanneer je zegt, ‘Ik kan dat spelen.’

En nu, na al die jaren, lukt dat goed? Of ben je streng voor jezelf?

Iedereen is streng voor zichzelf, denk ik. Een schilder heeft dat volgens mij ook als hij naar zijn schilderij kijkt, of een schrijnwerker ziet ook enkel maar de fouten aan zijn nieuwe tafel. Een acteur heeft dezelfde instelling. Wat voor mij het beste werkt, is tijdens het draaien op de monitor gaan kijken wat het resultaat is—maar zonder de klank dan. Als ik enkel naar het beeld kijk, dan kan ik afstand nemen van mezelf en is het bijna alsof ik naar iemand anders kijk. Dan kan ik het beter beoordelen. Van zodra ik mijn eigen stem hoor, dan komt het zó dichtbij dat het moeilijker wordt om mezelf te beoordelen. En het klinkt gek, maar als ik een anderstalige reeks doe, zoals “The Missing” in het Engels, dan vind ik mezelf ineens geloofwaardig terwijl mijn Engels natuurlijk lang niet zo goed is als dat van een Engelssprekende. Maar door iets wezenlijks aan je persoon te veranderen, kijk je plots naar iemand anders. Het is te vergelijken met jezelf verkleden, en daarom zijn verkleedfeestjes ook zo leuk. Als je daar toekomt als een musketier of een wandelende tafel, je neemt afstand van jezelf en alles wordt veel leuker. Het geeft je een gevoel van vrijheid, en dat gevoel heb ik ook als ik op een scherm naar mezelf kijk zonder mijn eigen stem te horen. Maar zolang je als acteur vrij kunt zijn voor de camera en op het podium, stoort me dat niet. Indien ik schroom zou hebben over wat ik doe terwijl ik het doe, dan is het een probleem, maar dat heb ik totaal niet. Een regisseur mag me alles vragen, ik doe het, maar daarvoor hoef ik er zelf niet naar te kijken.

Bezorgt het acteren je soms ook slapeloze nachten?

Nee. Ik heb al veel gespeeld in mijn leven, al vaak de scène opgestapt toen ik vooraf wist, ‘Oei, we zijn niet klaar,’ en vroeger kon ik daar wel ietwat onzeker over zijn. Maar je leert uiteindelijk hoe relatief alles is, en dan denk je, ‘We doen allemaal ons best.’ Sindsdien heb ik daar geen enkel probleem mee.

Film Fest Gent
13 oktober 2019

FILMS

ANY WAY THE WIND BLOWS (2003) DIR – SCR – MUS Tom Barman PROD Alex Stockman, Kat Camerlynck CAM Renaat Lambeets ED Els Voorpoels CAST Frank Vercruyssen, Diane De Belder, Eric Kloeck, Natali Broods, Matthias Schoenaerts, Dirk Roothooft, Jonas Boel, Titus De Voogdt (Felix), Sam Louwyck, Frank Focketyn, Jan Van Looveren, Johan Heldenbergh, Guido Hendrickx, Ben Segers

STEVE + SKY (2004) DIR – SCR Felix van Groeningen PROD – CAM Dirk Impens ED Nico Leunen MUS Soulwax, Dewaele Brothers CAST Titus De Voogdt (Steve), Delfine Bafort, Johan heldenbergh, Romy Bollion, Wine Dierickx, Vanessa Van Durme, Sylvie Buytaert

FIRMIN (2007) DIR Dominique Deruddere PROD Dominique Deruddere, Chris van den Durpel SCR Dominique Deruddere (verhaal, Frank Van Laecke) CAM Danny Elsen ED Philippe Ravoet MUS Raymond van het Groenewoud CAST Chris van den Durpel, Jan Decleir, Josse De Pauw, Peter Van den Begin, Ben Segers, Bruno Vanden Broecke, Marc Van Eeghem, Frank Focketeyn, Titus De Voogdt (Overvaller ‘Bin Laden’), Johan Heldenbergh

BEN X (2007) DIR – SCR Nic Balthazar (ook boek “Niets is alles wat hij zei” [2002] en toneelstuk “Niets” [2003]) PROD Peter Bouckaert, Erwin Provoost, Michiel De Rooij, Sabine Veenendael, Burny Bos CAM Lou Berghmans ED Philippe Ravoet MUS Praga Kahn CAST Greg Timmermans, Marijke Pinoy, Cesar De Schutter, Gilles De Schryver, Titus De Voogdt (Bogaert), Bavo Smets, Katrien Pierlet, Rebecca Lenaerts, Dirk Van Dijck, Wim De Vilder, Wim Vandekeybus

SMALL GODS (2007) DIR – SCR Dimitri Karataksanis PROD Dimitri Karataksanis, Nicolas Karataksanis CAM Nicolas Karataksanis ED Pieter Diependaele MUS Mark Lanegan, Aldo Struijf CAST Titus De Voogdt (David), Steffi Peeters, Marijke Pinoy, Simon Van Braeckel, Dirk van Dijck, Pieter van Hees

NOWHERE MAN (2008) DIR Patrice Toye PROD Guillaume Malandrin, Philippe Kauffmann, Vincent Tavier SCR Bjørn Olaf Johannessen CAM Richard Van Oosterhout ED Nico Leunen MUS John Parish CAST Frank Vercruyssen, Sara De Roo, Wim Willaert, Titus De Voogdt (Jean-Marc), Peter Gorissen, Charlotte Vandermeersch, Jeroen Perceval, Koen De Graeve

22 MEI (2010) DIR – SCR Koen Mortier PROD Koen Mortier, Eurydice Gysel CAM Glynn Speeckaert ED Nico Leunen MUS Mike Gallagher, The Bony King of Nowhere CAST Sam Louwyck, Titus De Voogdt (Nico Degeest), Wim Willaert, Jan Hammenecker, Sebastien Dewaele, Tristan Versteven, Bernadette Damman

WELP (2014) DIR Jonas Govaerts PROD Peter De Maegd SCR Jonas Govaerts, Roel Mondelaers CAM Nicolas Karataksanis ED Maarten Janssens MUS Steve Moore CAST Maurice Luijten, Evelien Bosmans, Titus De Voogdt (Kris), Stef Aerts, Jan Hammenecker, Gill Eeckelaert

BROER (2016) DIR Geoffrey Enthoven PROD Mariano Vanhoof SCR Pierre De Clerq CAM Gerd Schelfhout ED Dieter Diependaele MUS Steve Willaert CAST Koen De Bouw, Titus De Voogdt (Ronnie), Koen De Graeve, Udo Kier, Alison Doody, Elva Trill, R. Kan Alaby

BELGICA (2016) DIR Felix van Groeningen PROD Dirk Impens SCR Felix van Groeningen, Arne Sierens CAM Ruben Impens ED Nico Leunen MUS Soulwax CAST Tom Vermeir, Stef Aerts, Stefaan De Winter, Charlotte Vandermeersch, Sam Louwyck, Johan Heldenbergh, Titus De Voogdt (Inspecteur Van Beveren), Marijke Pinoy

KING OF THE BELGIANS (2016) DIR – PROD – SCR Peter Brosens, Jessica Woodworth CAM Ton Peeters ED David Verdurme CAST Peter Van den Begin, Lucie Debay, Titus De Voogdt (Carlos), Bruno Georis, Goran Radakovic, Pieter van der Houwen

LA CONFESSION (2016) DIR Nicolas Boukhrief PROD Nicolas Jourdier, Matthieu Warter, Clément Miserez SCR Nicolas Boukhrief (boek, Béatrix Beck) CAM Manuel Dacosse ED Lydia Decobert MUS Nicolas Errèra CAST Romain Duris, Marine Vacth, Anne Le Ny, Lucie Debay, Amandine Dewasmes, Solène Rigot, Titus De Voogdt (Aaron Silman), Nina Boukhrief

CHARLIE EN HANNAH GAAN UIT (2017) DIR – SCR Bert Scholiers PROD Marc Goyens, Tomas Leyers CAM Hans Bruch Jr. ED Thomas Pooters MUS Jelle Verstraeten, Chrisnanne Wiegel CAST Evelien Bosmans, Daphne Wellens, Patrick Vervueren, Frances Lefebure, Steef de Bot, Sigrid ten Napel, Jeroen Van Dyck, Titus De Voogdt (Gijs), Eric De Kuyper

ROSIE & MOUSSA (2018) DIR Dorothée Van Den Berghe PROD Helena Vlogaert, Bo De Group SCR Michael De Cock CAM Jan Vancaillie ED Marie-Hélène Dozo CAST Titus De Voogdt (Papa Rosie), Imad Borji, Savannah Vandendriesschie, Ruth Beeckmans, Damiaan De Schrijver, Zouzou Ben Chikha

THE BAREFOOT EMPEROR (2019) DIR – PROD – SCR Peter Brosens, Jessica Woodworth CAM Tom Peters ED David Verdurme CAST Peter Van den Begin, Lucie Debay, Udo Kier, Geraldine Chaplin, Bruno Georis, Titus De Voogdt (Carlos), Pieter van der Houwen

TV-REEKSEN

RECHT OP RECHT (2000), 1 aflevering
FLIKKEN (2005), 1 aflevering
CODE 37 (2009), 1 aflevering
ASPE (2010, 2014), 2 afleveringen
WITSE (2012), 1 aflevering
DE RIDDER (2014), 1 aflevering
KADONNUT (2014), alle 7 afleveringen
THE MISSING (2014), 7 afleveringen
CHOPPERS (2016), 1 aflevering
DE DAG (2018), alle 10 afleveringen
DE TWAALF (2019-2020), alle 9 afleveringen
BEAU SÉJOUR 2 (2020)